Home Blog Page 6

Worldpay werkt samen met Klarna om in 6 belangrijke Europese markten op facturen en krediet gebaseerde betalingen te lanceren

0

LONDEN, December 6, 2017 /PRNewswire/ —

 De conversiegraad stijgt tot wel 20% met nieuwe betaalmogelijkheden 

Worldpay, wereldleider in betalingen, heeft aangekondigd dat het gaat samenwerken met Klarna, een leider in krediet en factuur gebaseerde betalingen, om zijn productportfolio verder te versterken. Worldpay-klanten die handelen in Oostenrijk, Finland, Duitsland,  Nederland, Noorwegen, Zweden en het Verenigd Koninkrijk en die graag betalingen op factuur of op afbetaling willen accepteren, kunnen bij Worldpay gebruik maken van de betalingen op basis van facturen en krediet van Klarna. Dit helpt e-commercebedrijven de conversiegraad tot wel 20% te verbeteren en te voorzien in een snel en soepel betaalproces.

Met deze nieuwe betaalopties is het mogelijk voor klanten om te beslissen wanneer zij betalen voor de artikelen, na het ontvangen van de goederen. In plaats van een verzoek om credit- of debitcardinformatie op het punt van afrekenen, wordt klanten gevraagd om hun e-mailadres en postcode, wat zorgt voor een sneller afrekenproces en leidt tot minder verlaten van winkelwagens. Door deze oplossing kunnen consumenten de betaaltermijn voor hun betaling beheren, wat betaling binnen 14 dagen via factuur of via vast of flexibele termijnen kan zijn, waardoor de kosten over verschillende maanden worden gespreid.

De stap naar betalingen via krediet en facturering is een gevolg van de vraag van klanten die het aanbod aan betaalmogelijkheden wilden verbreden. Worldpay is een van de eerste betaalproviders die deze nieuwe betalingsintegratie inzet en daarmee voorziet in superieure marktdekking alsmede een kortere tijd naar de markt, aangezien er geen noodzaak is voor een nieuwe plug-in wanneer legacytechnologie wordt bijgewerkt.

Michael Rouse, Chief Commercial Officer van Klarna zei: “We zijn heel enthousiast over het feit dat we de meest recente betaalmogelijkheden op basis van krediet en facturen kunnen lanceren met een wereldleider zoals Worldpay, waardoor e-commercebedrijven effectiever op belangrijke Europese markten kunnen concurreren. Klarna neemt de verantwoordelijkheid voor het beheer van krediet- en frauderisico’s, waardoor bedrijven snel betalingen voor bestellingen kunnen ontvangen en waardoor consumenten alleen betalen wanneer zij blij zijn met hun aankoop. We bieden meer flexibiliteit in de wijze van beheer van betalingen voor producten en diensten. Het is een win/win-scenario.”

Dave Glaser, Chief Product Officer, Global eCom bij Worldpay zei: “Retail is een competitieve sector, dus zien we een toenemende vraag van klanten die meer redenen willen creëren om bij hen te winkelen, in plaats van bij hun concurrenten. Door sommigen wordt betaling met creditcard als riskant en ouderwets beschouwd, wat kan worden gecorrigeerd door in staat te zijn om zich aan te passen aan nieuwe en lokale betaalvoorkeuren. Wij geloven dat deze oplossing bedrijven in staat stelt om een daadwerkelijke toename in verkopen te zien, waardoor zij ervoor zullen kiezen om met Klarna te werken vanwege hun ongekende dekking in Scandinavië en Europa. Met de uitstekende klantenservice die zij verschaffen, zullen onze klanten niet teleurgesteld worden.”

Over Worldpay

Worldpay is een toonaangevende betalingsprovider met een wereldwijd bereik. Wij bieden een uitgebreid assortiment van technologische betaalproducten en -diensten aan ongeveer 400.000 klanten zodat hun bedrijven kunnen groeien en bloeien. Voor onze klanten beheren wij het steeds complexer wordende betaallandschap, waardoor zij het breedste assortiment aan betaalmogelijkheden ter wereld accepteren. Door gebruik te maken van ons netwerk en onze technologie zijn wij in staat om betalingen te verwerken uit regio’s die 99% van het mondiale BNP beslaan, in 146 landen en 126 valuta. We helpen onze klanten bij het accepteren van meer dan 300 verschillende betaalmogelijkheden.

Ga naar http://www.worldpay.com/global voor meer informatie

Over Klarna

Klarna is een van de toonaangevende betalingsproviders die zich erop richt om het betaalproces eenvoudig, soepel en veilig te maken voor klanten en de handelspartners van klanten. Klarna werkt samen met 70.000 handelaren om betaaloplossingen te bieden aan meer dan 60 miljoen gebruikers in Europa en Noord-Amerika. Klarna, met het hoofdkwartier in Stockholm, Zweden, heeft 1.500 werknemers en is actief in 18 landen. Het bedrijf is opgericht in 2005 en werd onlangs door CNBC genoemd als een van de belangrijkste disruptors in de wereld. http://www.klarna.com

Over de samenwerking

Worldpay en Klarna zijn de samenwerking begonnen in oktober 2016, om krediet- en factuurbetalingen te bieden aan klanten door heel Europa.

CONTACT: Global eCom, Emily Lahey, PR Director, emily.lahey@worldpay.com, +44 (0) 203 664 5663; Golin, Nitesh Khetani, worldpayecommteam@golin.com, +44 (0) 207 067 0128; Klarna, Aoife Houlihan, Aoife.Houlihan@klarna.com, +46 72 855 8047

Kredietverzekeraar Atradius breidt internationale aanwezigheid verder uit met opening nieuwe kantoren in Bulgarije en Roemenië

0

AMSTERDAM, November 15, 2017 /PRNewswire/ —

Kredietverzekeraar Atradius breidt haar internationale aanwezigheid verder uit met de opening van twee nieuwe kantoren in Bulgarije en Roemenië. Klanten en zakenpartners kunnen vanaf nu lokaal in de hoofdsteden Sofia en Boekarest bij Atradius terecht. Atradius is de op een na grootste leverancier van kredietverzekeringen ter wereld en biedt bedrijven bescherming in het geval hun klanten te laat of niet betalen.

(Logo: http://photos.prnewswire.com/prnh/20150513/743985 )

“Bulgarije en Roemenië behoren tot de meest interessante groeimarkten van Europa en laten een enorm potentieel zien,” zegt Andreas Tesch, Chief Market Officer van Atradius. “In dit licht is het vergroten van onze aanwezigheid in deze landen een logische stap in onze wereldwijde uitbreidingsstrategie.”

Het bruto binnenlands product van Roemenië is de laatste jaren jaarlijks tussen de 4 en 4,8 procent gegroeid. Vergeleken met andere lidstaten van de Europese Unie is dit een bovengemiddelde groei voor dit land, dat 20 miljoen inwoners heeft. Het marktvolume van de kredietverzekeringsindustrie in Roemenië ligt momenteel rond de 24 miljoen euro, met een huidig gemiddeld groeipercentage van 10 procent per jaar. Het volume van de kredietverzekeringsmarkt in Bulgarije, dat momenteel rond de 6 miljoen ligt, kent zelf ook een aanzienlijk groeipercentage – bewijs dat er goede mogelijkheden zijn voor een kantoor in deze regio.

“Wij willen onze klanten de beste dienstverlening met de grootst mogelijke expertise in de belangrijkste markten bieden,” licht Thomas Langen, Senior Regional Director voor Duitsland, Centraal- en Oost-Europa bij Atradius toe. “Met het openen van twee nieuwe vestigingen versterken we niet alleen onze positie in verhouding tot lokale bedrijven. Het stelt ons ook beter in staat om onze internationale klanten te begeleiden bij het uitbreiden van hun activiteiten naar deze markten.”

Internationale groei 

Het openen van vestigingen in Bulgarije en Roemenië maakt deel uit van de wereldwijde groeistrategie van Atradius die tot doel heeft om haar nationale en internationale klanten de best mogelijke dienstverlening en hoogstaande lokale expertise te bieden.

In 2016 breidde Atradius uit in Azië met een nieuw kantoor in Zuid-Korea. Om haar aanwezigheid in Zuid-Afrika en andere landen in de regio te verstevigen verwierf Atradius ook 25 procent van de aandelen in Credit Guarantee Insurance Corporation of Africa Ltd (CGIC), een toonaangevende kredietverzekeraar in Afrika.

Atradius versterkte haar positie verder met de volledige overname van Graydon, vooraanstaande dienstverlener van zakelijke informatie in Nederland, België en Groot-Brittannië, en het verwerven van 80 procent van de aandelen van het Portugese kredietinformatiebureau Ignios. Bovendien is het incasso bedrijfsonderdeel Atradius Collections sinds vorig jaar ook actief in India en China.

Meer informatie vindt u online via http://www.atradius.com [https://group.atradius.com ]

Over Atradius  

Atradius biedt wereldwijd tal van diensten op het gebied van kredietverzekering tot incasso via strategische aanwezigheid in meer dan 50 landen. Atradius heeft toegang tot kredietinformatie over meer dan 240 miljoen bedrijven wereldwijd. De producten van Atradius op het gebied van kredietverzekering, borgstelling en incasso helpen bedrijven over de hele wereld om zich in te dekken tegen betalingsrisico’s die verbonden zijn aan de verkoop van producten en diensten op krediet. Atradius maakt deel uit van Grupo Catalana Occidente (GCO.MC), een van de leidende verzekeraars in Spanje en een wereldleider op het gebied van kredietverzekering.

Noot aan de redactie (niet voor publicatie) 

Voor meer informatie
Atradius
Corporate Communications Marketing
Mariëlla Dalstra-van Emst
Tel. +31(0)20-553-2394
Mob. +31(0)6-1297-8985
E-mail: mariella.dalstra@atradius.com
http://www.atradius.nl
Twitter [http://twitter.com/atradiusnl ]
LinkedIn [http://www.linkedin.com/company/atradius-nederland ]
Youtube [http://www.youtube.com/atradiusnl ]


 

Aflossing hypotheekschuld hoge prioriteit voor Nederlandse belegger

0

Nederlandse beleggers zien aflossing hypotheekschuld als hoge prioriteit

Onderzoek wijst op realistisch en voorzichtig gedrag in vergelijking met andere landen

De Nederlandse belegger ziet het verkleinen van zijn (hypotheek)schuld als een topprioriteit en wijkt hiermee nadrukkelijk af van de prioriteiten die beleggers elders in Europa hebben. Dit blijkt uit een groot onderzoek onder Nederlandse en buitenlandse beleggers dat is uitgevoerd door Schroders. Ook op andere terreinen zoals het verwachte beleggingsrendement, blijkt dat de Nederlandse belegger meer realiteitszin heeft dan beleggers in andere landen. Het onderzoek maakt deel uit van de wereldwijde Global Investor Study van Schroders die dit jaar is gehouden onder ruim 22.000 beleggers uit 30 landen.

Aflossingsvrij

Het grote belang dat de Nederlandse belegger hecht aan het extra aflossen van (hypotheek)schulden is zeer opvallend. Daar waar elders in Europa dit punt pas op de zesde plaats staat als gevraagd wordt naar de belangrijkste prioriteit (voor 8% van de beleggers) geldt aflossing van (hypotheek)schulden in Nederland als bijna het allerbelangrijkste (voor 16% van de beleggers, een gedeelde tweede plaats met ‘sparen’  en ‘aankopen van luxe-goederen’ vlak onder de meestgenoemde prioriteit ‘beleggen in aandelen, obligaties, commodities’, met 18%). Klaarblijkelijk wordt de relatief hoge hypotheekschuld als een probleem opgevat en hopen beleggers met het beleggingsrendement aflossingen mogelijk te maken. Opvallend is dat beleggen in vastgoed in Nederland veel minder scoort onder de investeringsprioriteiten dan in andere landen (9% tegen 13%).

Gematigde rendementsverwachting

Beleggers wereldwijd houden rekening met een gemiddeld rendement van 10,2% op jaarbasis in de komende vijf jaar. Nederlandse beleggers tonen zich veel behoudender met een meer gematigde 8,5%. Ook beleggers in andere Europese landen als Duitsland, Zweden, België, Zwitserland, Oostenrijk en Italië tonen zich realistischer dan de beleggers wereldwijd. Azië en Noord- en Zuid-Amerika spannen de kroon met een verwacht gemiddeld jaarrendement van bijna 12%. Ter vergelijking: het rendement van de MSCI World Index over de afgelopen 30 jaar is 7,2% per jaar.[1]

“Het is verheugend om te merken dat beleggers klaarblijkelijk begonnen zijn om verder vooruit te kijken en zich in rap tempo bewust worden van de dreiging die de hoge hypotheeklasten -relatief veel aflossingsvrij- met zich meebrengt op de langere termijn. Dergelijk langetermijngedrag, of het nu gaat om aflossingsverplichtingen of toekomstige pensioenverplichtingen, is alleen maar toe te juichen. Beleggen is een onmisbaar onderdeel voor de oplossing om te kunnen voldoen aan verplichtingen”, aldus Michel Vermeulen, algemeen directeur van Schroders Benelux.  “Voor wie meer wil weten over beleggen, heeft Schroders een online educatieplatform ontwikkeld, investIQ . Dit biedt een combinatie van inzichten uit de gedragseconomie en beleggingseducatie om mensen te helpen effectievere, beter geïnformeerde beleggingsbeslissingen te nemen. De kern hiervan is de investIQ-test, waarmee mensen ontdekken wat voor type belegger ze zijn en bewust worden gemaakt van de manier waarop zij beslissingen nemen.”

Nederlandse beleggers zijn zich er van bewust dat kennis nodig is om (beter) te beleggen. 68% is ervan overtuigd dat het goed is meer te leren over beleggen. In Nederland scoort het onderwerp fiscaal vriendelijk beleggen, net als elders in de wereld, het hoogste, direct gevolgd door de wens om meer te leren over kosten en inzicht in de kostenstructuren van beleggen.

Het feit dat tweederde deel van de Nederlandse beleggers er van overtuigd is dat het iets moet verbeteren aan zijn kennis van beleggen, lijkt behoorlijk, maar afgezet tegen de regionale en wereldwijde percentages, is dit nog relatief gering. Wereldwijd ligt dit percentage op 88% en in Europa op 84%. In Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk varieert het percentage van beleggers dat zich bewust is van een kennislacune tussen 83% en 86%.

Regionale verschillen

Azië

Deze trend was het sterkst in Azië, waar landen als China (45%), Taiwan (45%), Hongkong (39%) en Japan (38%) de hoogste prioriteit gaven aan beleggen. Zuid-Koreanen daarentegen gaven de voorkeur aan op de bank zetten (19%) of vastgoed kopen (16%) boven beleggen (12%).

Europa

In Europa waren Zweden (29%) en Italië (26%) de grootste voorstanders van beleggen. In Frankrijk (16%), Rusland (18%) en Portugal (23%) kozen beleggers eerder voor sparen dan voor beleggen, wat verrassend is gezien de lage rentes in Europa. In Nederland had beleggen met 18% nog een kleine voorsprong op sparen.

Noord- en Zuid-Amerika

De regio Noord- en Zuid-Amerika (VS, Canada, Brazilië en Chili) gaf over het geheel genomen voorrang aan beleggen (19%), op de voet gevolgd door op de bank zetten (16%). Zuid-Amerikaanse landen waren echter sterker geneigd hun geld in vastgoed te steken dan Noord-Amerikaanse.

Onrealistische rendementsverwachtingen

Het onderzoek maakt duidelijk dat beleggers onrealistisch hoge rendementsverwachtingen hebben. Zo rekenen de wereldwijde beleggers de komende vijf jaar op een gemiddeld jaarlijks rendement van 10,2% (8,7% in Europa, 11,7% in Azië en 11,7% in Noord-/Zuid-Amerika). Ter vergelijking: het rendement van de MSCI World Index over de afgelopen 30 jaar is 7,2% per jaar. [1]

Vertrouwen

Op de vraag naar het huidige geopolitieke landschap en de invloed daarvan op hun beleggingsbeslissingen, gaven de beleggers gemengde en soms tegenstrijdige antwoorden.

Het volledige rapport van de Schroders Global Investor Survey 2017 kunt u vinden op www.schroders.nl/gis (http://www.schroders.com/nl/nl/particulieren/nieuws-marktinformatie/global-investor-study/2017-findings/education/)

Verdere informatie:

-www.schroders.nl/gis (http://www.schroders.com/nl/nl/particulieren/nieuws-marktinformatie/global-investor-study/2017-findings/education/)

-Infographic – resultaten Nederland (http://www.schroders.com/nl/nl/professionele/nieuws-marktinformatie/global-investor-study/education-infographic/)

-Presentatie – resultaten Nederland (https://sharpefinancial.com/wp-content/uploads/2017/11/GIS-survey-phase-2.pdf)

-Full report – wereldwijde resultaten (http://www.schroders.com/en/sysglobalassets/digital/insights/2017/pdf/global-investor-study-2017/theme2/schroders_report-2_dutch.pdf)

-Artikel: Gemiddelde belegger verwacht een rendement van 10,2%; millennials hopen op nog meer (http://www.schroders.com/nl/nl/particulieren/nieuws-marktinformatie/global-investor-study/gemiddelde-belegger-verwacht-een-rendement-van-102-millennials-hopen-op-nog-meer/)

-Artikel: Beleggen krijgt prioriteit boven vastgoed en sparen (http://www.schroders.com/nl/nl/particulieren/nieuws-marktinformatie/global-investor-study/beleggen-krijgt-prioriteit-boven-vastgoed-en-sparen/)


[1] Bron: Thomson Reuters, MSCI World Index, samengesteld jaarlijks groeicijfer voor de MSCI World op basis van totaal rendement tussen 1987 en 2017, per 22 september 2017.

 

Aegon rapporteert sterke stijging van resultaat en kapitaalratio in derde kwartaal 2017

0

DEN HAAG, Nederland, November 9, 2017 /PRNewswire/ —

Nettowinst 31% hoger door VS 


– Onderliggend resultaat stijgt met 20% tot EUR 556 miljoen door lagere claims,
hogere opbrengsten uit fee business door gunstige aandelenmarkten en lagere kosten in
de VS
– Winst uit fair value items van EUR 159 miljoen door positieve herwaardering van
vastgoed en winsten op risicoafdekking in de VS
– Last van EUR 198 miljoen door aannamewijzigingen en modelaanpassingen is veroorzaakt
door de omzetting van het grootste deel van een levensverzekeringsportefeuille in de
VS naar een nieuw model
– Hoger onderliggend resultaat, fair value items en gerealiseerde winsten op beleggingen
stuwen nettowinst naar EUR 469 miljoen
– Rendement op eigen vermogen voor het kwartaal stijgt naar 8,9%


Record brutostortingen door fee business; uitstroom door contractbeëindigingen in Mercer-portefeuille 


– Brutostortingen stijgen met 65% tot EUR 41 miljard door uitzonderlijk sterke
stortingen in vermogensbeheer en op het platform in het VK; netto-uitstroom van EUR
0,6 miljard door contractbeëindigingen in de van Mercer overgenomen
pensioenportefeuille
– Verkoop nieuwe levensverzekeringen daalt met 8% naar EUR 202 miljoen vanwege lagere
verkopen in de VS en het stoppen met de verkoop van lijfrentes in het VK
– Verkoop schade- en aanvullende ziektekostenverzekeringen daalt met 17% naar EUR 180
miljoen door lagere verkopen in de VS
– Marktconforme waarde van nieuwe productie stijgt met 75% tot EUR 121 miljoen dankzij
maatregelen van het management


Sterke toename van Solvency II ratio naar 195%    


– Solvency II ratio stijgt met 10 procentpunten in vergelijking met het vorige
kwartaal naar 195%. Kapitaalgeneratie en bijdrage door verkoop van de
annuïteitenportefeuille in het VK hebben het interimdividend van 2017 meer dan
goedgemaakt
– Kapitaalgeneratie van EUR 809 miljoen inclusief gunstige markteffecten en eenmalige
posten van EUR 485 miljoen
– Kapitaaloverschot in de holding daalt tijdelijk tot EUR 0,9 miljard door de
kapitaalinjectie in het Nederlandse bedrijf
– Brutoschuldratio verbetert in vergelijking met het vorige kwartaal met 20 basispunten
tot 29,2% als gevolg van ingehouden winsten


Toelichting van Alex Wynaendts, voorzitter Raad van Bestuur 

“Ik ben zeer tevreden met ons onderliggend resultaat dat voor het vijfde opeenvolgende kwartaal is gestegen. Dit positieve resultaat werd behaald door groei in onze bedrijfsonderdelen, door kostenreducties en managementmaatregelen die we hebben genomen om het rendement te verbeteren. We rapporteren ook een sterke nettowinst, ondanks een last vanwege gewijzigde aannames en modelaanpassingen. Deze last is vooral veroorzaakt door de afronding van de omzetting van het grootste deel van een levensverzekeringsportefeuille in de VS naar een nieuw, dynamischer model. Met deze stap ronden we de eerste fase af van het modelverbeterings- en validatieprogramma dat in 2014 startte voor alle modellen met een grote impact.  

Onze sterke kapitaalpositie is een hoogtepunt dit kwartaal, met een duidelijke stijging van de Solvency II ratio van de groep tot 195%. De ratio bevindt zich nu in het bovenste deel van de door ons beoogde bandbreedte. Dit stelt ons in staat om vanuit een sterke positie te werken en ondersteunt onze doelstelling om EUR 2,1 miljard terug te geven aan aandeelhouders in de periode van 2016 tot 2018.  

De recordstortingen door onze klanten in dit kwartaal zijn toe te schrijven aan onze belangrijkste groeimarkten, zoals vermogensbeheer en onze digitale platforms. Door in te spelen op de steeds veranderende behoeften van onze klanten worden we een relevantere aanbieder in alle fases van hun leven. Hiermee zijn we goed gepositioneerd voor aanhoudende groei en dit geeft me het vertrouwen dat we de juiste stappen zetten om onze ambities waar te maken.” 


Kerncijfers
Kw3 Kw3 Kw2 9M
bedragen in EUR miljoenen [13] Noot 2017 2016 % 2017 % 9M 2017 2016 %
Onderliggend resultaat
voor belastingen 1 556 461 20 535 4 1,578 1,359 16
Nettowinst / (verlies) 469 358 31 529 (11) 1,375 116 n.m.
Verkoop 2 4,451 2,904 53 3,937 13 12,331 9,229 34
Marktconforme waarde nieuwe
productie 3 121 70 75 134 (10) 428 302 42
Rendement op eigen vermogen 4 8.9% 7.7% 16 8.4% 7 8.2% 7.2% 13


Alle vergelijkingen in dit persbericht zijn gemaakt ten opzichte van het derde kwartaal 2016, tenzij anders vermeld. * Voor de uitleg over de noten, refereren wij naar het Engelstalige persbericht. 

Voor het officiële Engelstalige persbericht verwijzen wij naar de corporate website aegon.com [https://www.aegon.com/Home/Investors/News-releases/2017/3q-earnings ].

Aanvullende informatie

Den Haag – 9 november 2017 

Presentatie 

De presentatie is beschikbaar op aegon.com [http://www.aegon.com/results ] vanaf 7.30 a.m. CET.

Supplementen 

Aegon’s 3Q 2017 Financial Supplement en Condensed Consolidated Interim Financial Statements zijn beschikbaar op aegon.com [http://www.aegon.com/results ].

Conference call 

9:00 a.m. CET

Audio webcast op aegon.com [http://www.aegon.com/results ]

Inbelnummer 

Nederland: +31 20 703 8261

Passcode: 9062105

Twee uur na de conference call is een audio-opname beschikbaar op aegon.com [http://www.aegon.com/results ].

DISCLAIMERS 

Rapportage niet volgens IFRS-EU-maatstaven  

In dit document zijn verschillende maatstaven opgenomen die niet behoren tot de algemene waarderingsgrondslagen (IFRS-EU): onderliggend resultaat vóór belastingen, belastingen, winst vóór belastingen, marktconforme waarde nieuwe productie en rendement op eigen vermogen. Deze niet-IFRS-EU maatstaven worden berekend door Aegon’s joint ventures en geassocieerde deelnemingen proportioneel mee te consolideren. Voor de reconciliatie van deze maatstaven, behalve voor marktconforme waarde nieuwe productie, naar de best vergelijkbare IFRS-EU maatstaf zie noot 3 ‘Segment Information’ van Aegon’s ‘Condensed Consolidated Interim Financial Statements’ (uitsluitend beschikbaar in het Engels). Marktconforme waarde nieuwe productie is niet gebaseerd op IFRS-EU, die Aegon gebruikt voor zijn primaire financiële rapportage, en moet niet worden gezien als een vervanging voor IFRS-EU-maatstaven. Het kan zijn dat Aegon een andere definitie voor marktconforme waarde nieuwe productie hanteert dan andere ondernemingen. ‘Rendement op eigen vermogen’ is een ratio die gebruikt maakt van een niet IFRS-EU maatstaf en wordt berekend door onderliggend resultaat voor belastingen na aftrek van financieringskosten te delen door het gemiddelde aandelenkapitaal, de herwaarderingsreserve en de reserves met betrekking tot ‘defined benefit plans’.Aegon is van mening dat deze niet-IFRS-EU maatstaven, tezamen met de IFRS-EU gegevens, zinvolle aanvullende informatie verschaffen in de onderliggende operationele resultaten van Aegon’s activiteiten, alsmede in de financiële maatstaven die de directie van Aegon gebruikt om haar activiteiten aan te sturen.

Belangrijke noot met betrekking tot toekomstgerichte verklaringen 

De in dit document opgenomen mededelingen, voor zover geen historische feiten, zijn ‘toekomstgerichte verklaringen’ als bedoeld in de Amerikaanse Private Securities Litigation Reform Act uit 1995. De volgende woorden duiden op dergelijke toekomstgerichte verklaringen: nastreven, geloven, schatten, beogen, van plan zijn, kunnen, verwachten, voorspellen, ramen, rekenen op, voornemen, voortzetten, willen, voorzien, zou moeten, zal kunnen, is overtuigd, zullen en soortgelijke uitdrukkingen, voor zover betrekking hebbend op Aegon. Deze mededelingen zijn geen garanties voor toekomstige resultaten en omvatten risico’s, onzekerheden en aannames die moeilijk zijn te voorspellen. Aegon acht zich niet gehouden om enige toekomstgerichte verklaring publiekelijk te herzien of bij te stellen. Lezers dienen niet te zeer te vertrouwen op dergelijke toekomstgerichte verklaringen, die slechts verwachtingen ten tijde van het samenstellen van dit bericht weergeven. De werkelijk behaalde resultaten kunnen materieel verschillen van de in de toekomstgerichte verklaringen uitgesproken verwachtingen als gevolg van verschillende risico’s en onzekerheden, zoals onder meer:


– wijzigingen van de algemene economische omstandigheden, met name in de Verenigde
Staten, Nederland en het Verenigd Koninkrijk;
– veranderingen op de financiële markten, waaronder begrepen de opkomende markten,
bijvoorbeeld met betrekking tot:
– de frequentie en omvang van wanbetaling in Aegon’s vastrentende
beleggingsportefeuilles;
– het effect op de financiële markten van faillissementen en/of bijstelling van
gerapporteerde resultaten in het bedrijfsleven en de daarmee verband houdende
waardedaling van aandelen en schuldpapieren; en
– het effect van dalende kredietwaardigheid in bepaalde beleggingen uitgegeven door
de publieke sector en de daarmee verband houdende waardedaling van aangehouden
beleggingen in de publieke sector.
– veranderingen in Aegon’s beleggingsportefeuille en door dalende
kredietwaardigheidsratings van zijn tegenpartijen;
– gevolgen van het eventueel (partieel) opbreken van de eurozone;
– gevolgen van een voorzien vertrek van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie;
– de frequentie en omvang van verzekerde schadegevallen;
– veranderingen die van invloed zijn op het langlevenrisico, kortlevenrisisico,
invaliditeitsrisico, verval en andere factoren die de winstgevendheid van Aegon’s
verzekeringsproducten kunnen beïnvloeden;
– het effect van herverzekeraars waar Aegon significante risico’s heeft ondergebracht
die niet kunnen voldoen aan hun betalingsverplichtingen;
– veranderingen die de rentestanden beïnvloeden en aanhoudende lage rentestanden of snel
veranderende rentestanden;
– veranderingen die invloed hebben op de wisselkoersen, in het bijzonder de EUR/USD en
EUR/GBP wisselkoersen;
– veranderingen in de beschikbaarheid van, en de kosten gemoeid met, bronnen van
liquiditeit zoals krediet van banken en de kapitaalmarkten, alsmede de omstandigheden
op de kredietmarkten in het algemeen, zoals veranderingen in de kredietwaardigheid van
tegenpartijen;
– toenemende concurrentie in de Verenigde Staten, Nederland, het Verenigd Koninkrijk en
de opkomende markten;
– veranderingen in wet- en regelgeving, met name die welke Aegon’s activiteiten, het
vermogen om medewerkers op sleutelposities aan te nemen en aan te houden,
belastingpositie van Aegon’s bedrijven, het productaanbod en de aantrekkelijkheid van
bepaalde producten voor klanten kunnen beïnvloeden;
– veranderingen van het toezichtregime met betrekking tot de pensioen-, beleggings- en
verzekeringsbedrijfstakken in de markten waarin Aegon actief is;
– (voorstellen voor) standaarden van supranationale organisaties, zoals de Financial
Stability Board en de International Association of Insurance Supervisors, of
veranderingen van dergelijke standaarden, die van invloed kunnen zijn op de financiële
toezichtregelgeving op regionaal (zoals EU), nationaal of, met betrekking tot de
Verenigde Staten op federaal of statelijk niveau, of de toepassing daarvan op Aegon,
met inbegrip van de aanwijzing van Aegon tot Global Systemically Important Insurer
(G-SII);
– veranderingen in het gedrag van klanten en de publieke opinie in het algemeen met
betrekking tot, onder meer, het soort producten dat Aegon verkoopt, daaronder begrepen
in wet- en regelgeving of de commerciële noodzaak om te voldoen aan veranderende
verwachtingen van klanten;
– overmacht, terrorisme, oorlogshandelingen en pandemieën;
– veranderingen in het beleid van centrale banken en/of overheden;
– verlaging van een of meer ratings van Aegon door een kredietbeoordelingsbureau en het
eventuele negatieve effect daarvan op de mogelijkheden kapitaal op te halen, op
Aegon’s liquiditeit en financiële situatie;
– verlaging van de beoordeling van de solvabiliteit van een van Aegon’s
verzekeringsdochters en het eventuele negatieve effect daarvan op geschreven premies,
polisverlenging en winstgevendheid en liquiditeit van Aegon’s verzekeringsdochters;
– het effect van Solvency II vereisten en van andere regelgeving in andere jurisdicties
met betrekking tot kapitaalvereisten;
– rechtszaken en maatregelen van toezichthouders waardoor Aegon verplicht wordt
substantiële schadebetalingen te doen of Aegon’s werkwijze te veranderen;
– vanwege complexe transacties binnen Aegon’s bedrijfsvoering welke sterk afhankelijk
zijn van een correcte werking van informatietechnologie, kan uitval van een
computersysteem of een bedreiging van de informatiesystemen invloed hebben op de
bedrijfsvoering, de reputatie en daarmee verband houdend een negatief effect op
Aegon’s cash flows en bedrijfsresultaten hebben;
– het succes van nieuwe producten en distributiekanalen;
– veranderingen op het gebied van concurrentie, wetgeving, toezicht of
belastingwetgeving die de winstgevendheid en kosten voor distributie van of vraag naar
Aegon’s producten beïnvloeden;
– veranderingen in regelgeving op het gebied van verslaggeving of een verandering door
Aegon in het toepassen van dergelijke regelgeving, vrijwillig of anderszins, die
invloed kunnen hebben op Aegon’s gerapporteerde resultaten en eigen vermogen;
– Aegon’s verwachte resultaten zijn afhankelijk van complexe wiskundige modellen die
gebruikt worden voor berekeningen ten aanzien van de financiële markten, het
kortlevenrisico, het langlevenrisico, alsmede andere dynamische systemen die
onderhevig zijn aan schokken en volatiliteit. Indien aannames of de modellen, ondanks
alle controles om de accuraatheid te waarborgen, later onjuist blijken, is het
mogelijk dat resultaten van verwachtingen afwijken;
– het effect van overnames en desinvesteringen, herstructureringen, beëindiging van
producten en andere eenmalige gebeurtenissen, zoals het succes van de integratie van
overnames en het behalen van verwachte resultaten en synergieën van overnames;
– catastrofes, veroorzaakt door natuur of door de mens, die resulteren in significante
verliezen en die Aegon’s bedrijfsvoering significant kunnen ondermijnen;
– Aegon’s onvermogen om uitgesproken resultaatsverwachtingen, efficiencyverbeteringen of
andere initiatieven waar te maken om kosten te besparen, en het kapitaaloverschot en
de verhouding vreemd vermogen / eigen vermogen te managen; en
– Dit persbericht bevat informatie die kwalificeert, of mogelijk kwalificeert, als
voorwetenschap in de zin van Artikel 7(1) van de Europese Verordening marktmisbruik.


Nadere details over mogelijke risico’s en onzekerheden die de vennootschap aangaan, zijn beschreven in de documenten die bij de Autoriteit Financiële Markten en de Securities and Exchange Commission zijn ingediend, waaronder het Annual Report. Deze toekomstgerichte verklaringen betreffen de periode vanaf de datum van dit document. Tenzij dat vereist is onder geldende wet- of regelgeving, is de onderneming niet gehouden om enige nieuwe of gewijzigde inzichten bekend te maken ten aanzien van de hierin gebruikte toekomstgerichte verklaringen of ten aanzien van de feiten of omstandigheden die aanleiding geven tot dergelijke verklaringen.

Media relations
Dick Schiethart
070 344 8821
gcc@aegon.com

Investor relations
Willem van den Berg
070 344 8305
ir@aegon.com

Conference call inclusief QA (9:00u)
Audio webcast on aegon.com
Nederland: 020 703 8261
Passcode: 9062105


 

Aegon rondt verkoop Unirobe Meeùs Groep af

0

DEN HAAG, November 1, 2017 /PRNewswire/ —

Aegon heeft de verkoop van Unirobe Meeùs Groep (UMG) voor EUR 295 miljoen aan Aon Groep Nederland succesvol afgerond.  

De verkoop is in lijn met de strategie van Aegon voor het optimaliseren van de portefeuille. De transactie leidt naar verwachting tot een toename van de Solvency II ratio van Aegon Nederland met naar schatting 6 procentpunt.

De verkoop leidt tot een boekwinst van circa EUR 180 miljoen. Deze zal worden gerapporteerd onder Overige baten in het vierde kwartaal van 2017. Als gevolg van deze transactie zal het jaarlijks onderliggend resultaat vóór belasting met circa EUR 20 miljoen afnemen.

Voor het officiële Engelstalige persbericht verwijzen wij naar de corporate website [http://www.aegon.com/news ].

Over Aegon 

Aegon’s geschiedenis gaat ruim 170 jaar terug – tot de eerste helft van de negentiende eeuw. Inmiddels is Aegon uitgegroeid tot een internationale onderneming met activiteiten in meer dan 20 landen in Noord- en Zuid-Amerika, Europa en Azië. Als aanbieder van levensverzekeringen, pensioenen en vermogensbeheer behoort het bedrijf nu tot de toonaangevende financiële dienstverleners ter wereld. Aegon heeft een duidelijke doelstelling om mensen te helpen financiële zekerheid te bereiken in alle fasen van hun leven. Meer informatie: aegon.com/about [http://www.aegon.com/about ].    

Noot voor de redactie (Engelstalig)  


– Aegon’s brands markets
[http://www.aegon.com/en/Home/About/Brands–markets/?id=62629 ]
– Company presentation
[http://www.aegon.com/en/Home/Investors/News/Presentations/Archive/Introduction-to-Aegon/?id=31260 ]
– Aegon fact sheets [http://www.aegon.com/en/Home/Investors/Fact-Sheets/?id=43432 ]


Updates 


– Follow Aegon on Twitter [http://twitter.com/Aegon ]
– Register for Aegon’s Newsletter
[http://aegon.us8.list-manage.com/subscribe?u=bed4350c3e2011a47e35e8081id=8bc411d73f ]
– Calendar event reminders [http://www.aegon.com/en/Home/Investors/Calendar ]


Disclaimer 

Belangrijke noot met betrekking tot toekomstgerichte verklaringen 

De in dit document opgenomen mededelingen, voor zover geen historische feiten, zijn ‘toekomstgerichte verklaringen’ als bedoeld in de Amerikaanse Private Securities Litigation Reform Act uit 1995. De volgende woorden duiden op dergelijke toekomstgerichte verklaringen: nastreven, geloven, schatten, beogen, van plan zijn, kunnen, verwachten, voorspellen, ramen, rekenen op, voornemen, voortzetten, willen, voorzien, zou moeten, zal kunnen, is overtuigd, zullen en soortgelijke uitdrukkingen, voor zover betrekking hebbend op Aegon. Deze mededelingen zijn geen garanties voor toekomstige resultaten en omvatten risico’s, onzekerheden en aannames die moeilijk zijn te voorspellen. Aegon acht zich niet gehouden om enige toekomstgerichte verklaring publiekelijk te herzien of bij te stellen. Lezers dienen niet te zeer te vertrouwen op dergelijke toekomstgerichte verklaringen, die slechts verwachtingen ten tijde van het samenstellen van dit bericht weergeven. De werkelijk behaalde resultaten kunnen materieel verschillen van de in de toekomstgerichte verklaringen uitgesproken verwachtingen als gevolg van verschillende risico’s en onzekerheden, zoals onder meer:


– wijzigingen van de algemene economische omstandigheden, met name in de Verenigde
Staten, Nederland en het Verenigd Koninkrijk;
– veranderingen op de financiële markten, waaronder begrepen de opkomende markten,
bijvoorbeeld met betrekking tot:
– de frequentie en omvang van wanbetaling in Aegon’s vastrentende
beleggingsportefeuilles;
– het effect op de financiële markten van faillissementen en/of bijstelling van
gerapporteerde resultaten in het bedrijfsleven en de daarmee verband houdende
waardedaling van aandelen en schuldpapieren; en
– het effect van dalende kredietwaardigheid in bepaalde beleggingen uitgegeven door
de publieke sector en de daarmee verband houdende waardedaling van aangehouden
beleggingen in de publieke sector.
– veranderingen in Aegon’s beleggingsportefeuille en door dalende
kredietwaardigheidsratings van zijn tegenpartijen;
– gevolgen van het eventueel (partieel) opbreken van de eurozone;
– gevolgen van een voorzien vertrek van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie;
– de frequentie en omvang van verzekerde schadegevallen;
– veranderingen die van invloed zijn op het langlevenrisico, kortlevenrisisico,
invaliditeitsrisico, verval en andere factoren die de winstgevendheid van Aegon’s
verzekeringsproducten kunnen beïnvloeden;
– het effect van herverzekeraars waar Aegon significante risico’s heeft ondergebracht
die niet kunnen voldoen aan hun betalingsverplichtingen;
– veranderingen die de rentestanden beïnvloeden en aanhoudende lage rentestanden of snel
veranderende rentestanden;
– veranderingen die invloed hebben op de wisselkoersen, in het bijzonder de EUR/USD en
EUR/GBP wisselkoersen;
– veranderingen in de beschikbaarheid van, en de kosten gemoeid met, bronnen van
liquiditeit zoals krediet van banken en de kapitaalmarkten, alsmede de omstandigheden
op de kredietmarkten in het algemeen, zoals veranderingen in de kredietwaardigheid van
tegenpartijen;
– toenemende concurrentie in de Verenigde Staten, Nederland, het Verenigd Koninkrijk en
de opkomende markten;
– veranderingen in wet- en regelgeving, met name die welke Aegon’s activiteiten, het
vermogen om medewerkers op sleutelposities aan te nemen en aan te houden,
belastingpositie van Aegon’s bedrijven, het productaanbod en de aantrekkelijkheid van
bepaalde producten voor klanten kunnen beïnvloeden;
– veranderingen van het toezichtregime met betrekking tot de pensioen-, beleggings- en
verzekeringsbedrijfstakken in de markten waarin Aegon actief is;
– (voorstellen voor) standaarden van supranationale organisaties, zoals de Financial
Stability Board en de International Association of Insurance Supervisors, of
veranderingen van dergelijke standaarden, die van invloed kunnen zijn op de financiële
toezichtregelgeving op regionaal (zoals EU), nationaal of, met betrekking tot de
Verenigde Staten op federaal of statelijk niveau, of de toepassing daarvan op Aegon,
met inbegrip van de aanwijzing van Aegon tot Global Systemically Important Insurer
(G-SII);
– veranderingen in het gedrag van klanten en de publieke opinie in het algemeen met
betrekking tot, onder meer, het soort producten dat Aegon verkoopt, daaronder begrepen
in wet- en regelgeving of de commerciële noodzaak om te voldoen aan veranderende
verwachtingen van klanten;
– overmacht, terrorisme, oorlogshandelingen en pandemieën;
– veranderingen in het beleid van centrale banken en/of overheden;
– verlaging van een of meer ratings van Aegon door een kredietbeoordelingsbureau en het
eventuele negatieve effect daarvan op de mogelijkheden kapitaal op te halen, op
Aegon’s liquiditeit en financiële situatie;
– verlaging van de beoordeling van de solvabiliteit van een van Aegon’s
verzekeringsdochters en het eventuele negatieve effect daarvan op geschreven premies,
polisverlenging en winstgevendheid en liquiditeit van Aegon’s verzekeringsdochters;
– het effect van Solvency II vereisten en van andere regelgeving in andere jurisdicties
met betrekking tot kapitaalvereisten;
– rechtszaken en maatregelen van toezichthouders waardoor Aegon verplicht wordt
substantiële schadebetalingen te doen of Aegon’s werkwijze te veranderen;
– vanwege complexe transacties binnen Aegon’s bedrijfsvoering welke sterk afhankelijk
zijn van een correcte werking van informatietechnologie, kan uitval van een
computersysteem of een bedreiging van de informatiesystemen invloed hebben op de
bedrijfsvoering, de reputatie en daarmee verband houdend een negatief effect op
Aegon’s cash flows en bedrijfsresultaten hebben;
– het succes van nieuwe producten en distributiekanalen;
– veranderingen op het gebied van concurrentie, wetgeving, toezicht of
belastingwetgeving die de winstgevendheid en kosten voor distributie van of vraag naar
Aegon’s producten beïnvloeden;
– veranderingen in regelgeving op het gebied van verslaggeving of een verandering door
Aegon in het toepassen van dergelijke regelgeving, vrijwillig of anderszins, die
invloed kunnen hebben op Aegon’s gerapporteerde resultaten en eigen vermogen;
– Aegon’s verwachte resultaten zijn afhankelijk van complexe wiskundige modellen die
gebruikt worden voor berekeningen ten aanzien van de financiële markten, het
kortlevenrisico, het langlevenrisico, alsmede andere dynamische systemen die
onderhevig zijn aan schokken en volatiliteit. Indien aannames of de modellen, ondanks
alle controles om de accuraatheid te waarborgen, later onjuist blijken, is het
mogelijk dat resultaten van verwachtingen afwijken;
– het effect van overnames en desinvesteringen, herstructureringen, beëindiging van
producten en andere eenmalige gebeurtenissen, zoals het succes van de integratie van
overnames en het behalen van verwachte resultaten en synergieën van overnames;
– catastrofes, veroorzaakt door natuur of door de mens, die resulteren in significante
verliezen en die Aegon’s bedrijfsvoering significant kunnen ondermijnen;
– Aegon’s onvermogen om uitgesproken resultaatsverwachtingen, efficiencyverbeteringen of
andere initiatieven waar te maken om kosten te besparen, en het kapitaaloverschot en
de verhouding vreemd vermogen / eigen vermogen te managen; en
– Dit persbericht bevat informatie die kwalificeert, of mogelijk kwalificeert, als
voorwetenschap in de zin van Artikel 7(1) van de Europese Verordening marktmisbruik.


Nadere details over mogelijke risico’s en onzekerheden die de vennootschap aangaan, zijn beschreven in de documenten die bij de Autoriteit Financiële Markten en de Securities and Exchange Commission zijn ingediend, waaronder het Annual Report. Deze toekomstgerichte verklaringen betreffen de periode vanaf de datum van dit document. Tenzij dat vereist is onder geldende wet- of regelgeving, is de onderneming niet gehouden om enige nieuwe of gewijzigde inzichten bekend te maken ten aanzien van de hierin gebruikte toekomstgerichte verklaringen of ten aanzien van de feiten of omstandigheden die aanleiding geven tot dergelijke verklaringen.

Contacten


Media relations
Dick Schiethart
070-344-8821
gcc@aegon.com


Investor relations
Willem van den Berg
070-344-8405
ir@aegon.com


 

VEH: afschaffen wet Hillen overhaast en onfatsoenlijk

0

VEH: afschaffen wet Hillen overhaast en onfatsoenlijk

Amersfoort, 31 oktober 2017 – Huiseigenaren vinden het regeringsvoornemen om de wet Hillen af te schaffen overhaast, onfatsoenlijk en een straf voor goed gedrag. Veel mensen zien het als een bewijs van een onbetrouwbare overheid. Vereniging Eigen Huis roept Kamerleden in een brief op om wet Hillen te behouden.

Vereniging Eigen Huis pleit er voor om de effecten van een belastingwijziging in een bredere context te beschouwen, in relatie tot pensioenen en zorg. Dat kan bij een debat over de fiscale behandeling van de eigen woning, dat voor 2020 op de agenda staat.

Peiling onder huiseigenaren

Vereniging Eigen Huis heeft een representatieve peiling gehouden onder 1.723 van haar 750.000 leden. Hieruit blijkt dat 70% negatief staat tegenover het afschaffen van de wet Hillen. De hoogte van het inkomen, leeftijd en stemgedrag maakt daarbij nauwelijks een verschil. Deze ingreep wordt gezien als aantoonbaar onbetrouwbaar overheidsgedrag en maakt mensen ronduit boos:

“Dit is kiezersbedrog, eerst stimuleert de regering aflossen en vervolgens wordt degene die braaf aflost, en met name de ouderen met een (bijna) afgeloste woning gepakt.”

“De burger wordt continu door de overheid misleid. Eerst wordt er op aangedrongen om hypotheken zo snel mogelijk af te lossen. En nu worden de goedgelovige burgers door die zelfde overheid op een schandalige manier geplukt.”

“Aflosboete is schandelijk. Met mijn hypotheekplanning altijd rekening gehouden met het niet meer betalen van EW forfait (wet Hillen).”

Onjuiste voorstelling

Het nieuwe kabinet gebruikt een aantal onjuiste of onterechte argumenten om de wet Hillen per 2019 af te bouwen.

-De veronderstelling dat huiseigenaren hun hypotheek toch al verplicht aflossen is onjuist. Dit geldt alleen voor nieuwe hypotheken die vanaf 2013 zijn afgesloten. Op dit moment is nog 55% van de totale hypotheekschuld tot het einde van het contract aflossingsvrij. Veel van deze huiseigenaren zullen niet meer gestimuleerd worden om hun hypotheek versneld af te lossen, voor sommigen zal het zelfs een rem zijn om dat te doen.

-Met name ouderen met een beperkt pensioen krijgen er vanaf 2019 door toenemende lastenverzwaring een groeiend financieel probleem bij. Dit staat haaks op het beleid om mensen in staat te stellen langer zelfstandig thuis te blijven wonen.

-Het CPB en NIBUD schetsen ten onrechte een bescheiden nadelig effect van de maatregel. Maar zij kijken alleen naar de effecten in de kabinetsperiode van 4 jaar, waarbinnen de afschaffing dan nog maar 2 jaar meeloopt. Daarna loopt de lastenverzwaring gedurende 28 jaar verder op tot 1 miljard euro per jaar.

-Het is tegenstrijdig dat huiseigenaren worden aangemoedigd om af te lossen, terwijl een fiscaal voordeel voor dit goede gedrag verandert in een belastingheffing.


Wet Hillen

Sinds 2005 bepaalt de wet Hillen dat mensen zonder hypotheekschuld geen belasting betalen over het eigenwoningforfait. In het regeerakkoord is afgesproken dat deze fiscale beloning op het aflossen van de hypotheek vanaf 2019 geleidelijk wordt afgeschaft. Huiseigenaren met een afgeloste hypotheek moeten hierdoor toch weer belasting over de waarde van hun woning gaan betalen.

Bijstandsaanvragen door zelfstandigen stabiliseert

0

Meer zelfstandigen vinden hulp via 155-Help-een-Bedrijf

Bijstandsaanvragen door zelfstandigen stabiliseert

Baarn, 23 oktober 2017 – Volgens het IMK, Instituut voor het Midden- en Kleinbedrijf, is het aantal bijstandsaanvragen door zelfstandige ondernemers in het afgelopen jaar niet verminderd, ondanks de algehele economische opleving.

De index is gebaseerd op het aantal ondernemers dat een beroep doet op bijstandverlening voor zelfstandigen (Bbz) in de vorm van krediet en/of uitkering bij circa 300 gemeenten in Nederland. Het IMK beoordeelt voor die gemeenten of ondernemingen die een beroep doen op bijstand, in de kern wel levensvatbare bedrijven zijn. In de helft van die  gevallen blijkt dit zo te zijn. In de overige gevallen wordt de gemeente geadviseerd geen bijstand te verlenen. De IMK-Index bleef in het derde kwartaal stabiel t.o.v. dezelfde periode in 2016.

“We zien twee tegengestelde trends”, zegt Han Dieperink, directeur van IMK, “Ja, het lijkt gemiddeld beter te gaan met zelfstandigen, maar dat geldt zeker niet voor iedereen. En die groep weten we steeds beter te vinden met 155-Help-een-Bedrijf. Dat zorgt dat meer ondernemers worden geholpen, die anders de weg niet weten te vinden en dat bespaart de samenleving veel geld”

Het nationale hulploket voor ondernemers, 155-Help-een-Bedrijf, is een initiatief van het Instituut voor het Midden- en Kleinbedrijf. Op 155.nl is een zelftest opgenomen, waarmee ondernemers kunnen vaststellen of zij tot de doelgroep behoren van sociale ondernemersregelingen vanuit de overheid. In het afgelopen jaar had 155 online contact met 115.000 ondernemers en deden ruim 6.000 ondernemers een zelftest. Daarvan bleek 62% te voldoen aan de criteria om in aanmerking te komen voor een ondernemersregeling. 155-Help-een-Bedrijf wordt ingezet bij circa de helft van alle Nederlandse gemeenten.

IMK introduceerde in 2011 de IMK-Index. Deze is maatgevend voor het aantal ondernemers dat in zwaar weer verkeert. In de praktijk blijkt de IMK-Index een goede voorspeller te zijn voor de faillissementsrapportages van een halfjaar later.

De Bbz-regeling (Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004) is als vangnet in het leven geroepen voor ondernemers die tijdelijk niet beschikken over voldoende middelen om in hun bestaan te voorzien en/of behoefte hebben aan bedrijfskapitaal, maar hiervoor geen financiering kunnen krijgen. De regeling wordt uitgevoerd door gemeenten en draagt direct bij aan continuïteit van veel in-de-kern-gezonde ondernemingen en daarmee aan de vermindering van maatschappelijke schadelast.

————————————————————————————————————————————-

 

Noot voor de redactie

 

Over IMK

IMK (Instituut voor het Midden- en Kleinbedrijf) begeleidt ondernemers op cruciale momenten in de levenscyclus van de onderneming: van start tot verantwoorde bedrijfsbeëindiging. In goede en in slechte tijden. Daarbij staat de ondernemer met zijn of haar talenten en passie centraal en wordt intensief samengewerkt met gemeentelijke organisaties en financiële instellingen.

Om deze taak goed te kunnen vervullen, beschikt het IMK over professionals die lokaal, regionaal en landelijk werken met branche- en regio specifieke deskundigheid op het gebied van ondernemerschap en publieke en private microfinanciering. Meer dan 30.000 ondernemers in Nederland werden eerder met succes begeleid door IMK.

www.imk.nl en www.155.nl

VEH: Geen loonstijging, dan volgend jaar vaak minder hypotheek

0

VEH: Geen loonstijging, dan volgend jaar vaak minder hypotheek

Amersfoort, 20 oktober 2017

Huizenzoekers die geen loonstijging verwachten kunnen volgend jaar soms duizenden euro’s minder hypotheek krijgen om een huis te kopen. Dit blijkt uit berekeningen die Vereniging Eigen Huis heeft gemaakt op basis van de Nibud-leennormen 2018 die vandaag door demissionair minister Plasterk aan de Tweede Kamer zijn gestuurd. Mensen die maximaal moeten lenen om een huis te kunnen kopen en geen loonstijging verwachten doen er verstandig aan om te zorgen dat zij nog dit jaar een bindende hypotheekofferte van hun geldverstrekker ontvangen.

Minder hypotheek bij gelijkblijvend inkomen

Huizenkopers kunnen volgend jaar ongeveer hetzelfde lenen als in 2017. Voor een aantal groepen zijn de effecten groter: tweeverdieners met een hoog inkomen gaan er op vooruit en huishoudens zonder loonstijging komen er vaak slechter van af. In de brief van minister Plasterk worden de negatieve effecten van de nieuwe hypotheeknormen bij een gelijkblijvend inkomen niet vermeld.

Volgend jaar daalt ook de maximum hypotheek tot 100% van de woningwaarde. Dit jaar kan nog 101% worden geleend. Enig eigen geld is dus onmisbaar om de overdrachtsbelasting, hypotheekadviseur, taxateur, notaris en de verhuizers mee te betalen

Tweeverdieners

Voor tweeverdieners geldt dat een groter deel van het tweede inkomen vanaf 2016 stapsgewijs wordt meegerekend bij het bepalen van de maximale hypotheek. In 2018 wordt het laagste inkomen voor 70 procent meegeteld, dit jaar was dat nog voor 60 procent. Voor mensen met lagere- en middeninkomens wordt dit voordeel echter (deels) teniet gedaan door de strengere leennormen. Hierdoor kan het maximum hypotheekbedrag volgend jaar toch afnemen.

Rekenvoorbeeld tweeverdieners

Hasnah en Michel zijn op zoek naar een nieuwe woning. Hasnah heeft een bruto jaarinkomen van

€ 32.000 en Michel verdient € 16.000. Bij een hypotheekrente van 2,1% kunnen zij in 2017 maximaal € 224.215 lenen. Op basis van de leennormen voor 2018 daalt hun maximale hypotheekbedrag naar € 213.538. Dat is € 10.677 minder.

Rekenvoorbeeld alleenstaande

Pim is alleenstaand, verdient € 35.000 per jaar en is op zoek naar een huis. Bij een hypotheekrente van 2,1%, kan hij in 2017 een bedrag van € 163.490 lenen. In 2018 is het leenbedrag €155.705. Pim kan volgend jaar dus € 7.785 minder lenen.

 

Kostengrens Nationale Hypotheek Garantie stijgt ruim 8 procent

0

Vanaf 1 januari 2018 stijgt de kostengrens van de Nationale Hypotheek Garantie (NHG) naar €265.000. Dat is ruim 8 procent meer vergeleken met dit jaar – nu is de grens nog € 245.000. Voor woningen waarin geïnvesteerd wordt in energiebesparende voorzieningen, stijgt de NHG kostengrens naar maximaal €280.900. 

De ruim €15.000 investeringsruimte biedt de koper de mogelijkheid voor verduurzaming van de eigen woning. En dat is ook nodig. Om de Nederlandse klimaatdoelstellingen te halen, moet een groot gedeelte van de woningvoorraad verduurzaamd worden. Het nieuwe regeerakkoord spreekt de ambitie uit om uiteindelijk 200.000 woningen per dag te verduurzamen. Een tempo dat nodig is om in 30 jaar tot 2050 de hele voorraad van 6 miljoen woningen te verduurzamen. Dat gaat niet vanzelf. 

Met 1,3 miljoen bestaande klanten en jaarlijks tussen de 75.000 en 100.000 nieuwe klanten kan het WEW een impactvolle bijdrage leveren aan deze verduurzaming. “Een hypotheek met NHG is niet alleen verantwoord, maar levert ook maatschappelijk rendement en belangrijke voordelen op voor veel van de huishoudens. Door duurzame woningverbetering zullen de energielasten van huishoudens dalen, het wooncomfort toenemen en de woningwaarde stijgen.” aldus Arjen Gielen, algemeen directeur van het Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW).

Om dit te stimuleren heeft het WEW recent bijvoorbeeld de NHG Voorwaarden Normen vereenvoudigd. Hierdoor wordt het voor consumenten met NHG makkelijker om te investeren in energiebesparende voorzieningen. Vanuit haar maatschappelijke functie staat het WEW klaar om mee te denken met het nieuwe kabinet, en om de NHG mogelijkheden nog meer toe te spitsen op de nieuwe ambities die in het regeerakkoord zijn geformuleerd.

Uitdaging voor starters

Op de huidige markt worden steeds meer woningen boven de vraagprijs verkocht en ziet het WEW dat met name starters veelal tegen de maximale lening* financieren. Dat is op korte termijn onvermijdelijk, gegeven de schaarste aan woningaanbod. Maar, doordat consumenten aanvullende kosten zelf moeten financieren ziet het WEW dat zij steeds vaker kiezen voor minder verantwoorde financieringsvormen zonder NHG.** Voor sommige bevolkingsgroepen bieden leningen of schenkingen van familie of vrienden uitkomst. Anderen, die deze extra financiële middelen niet tot hun beschikking hebben moeten blijven huren, of hun toevlucht zoeken tot consumptieve kredieten om alsnog een woning te kunnen financieren. Dit brengt risico’s met zich mee.***

Arjen Gielen: “Door starters op de woningmarkt de mogelijkheid te bieden de NHG-premie mee te financieren bij de aankoop van de woning kunnen zij NHG op een laagdrempelige wijze afnemen, zonder dat daarbij de toegang tot aanvullende financiering een rol speelt. Hierdoor kunnen zij alsnog op een verantwoorde manier de aanschaf van hun woning financieren en wellicht alvast investeren in duurzame oplossingen voor hun nieuwe woning.”

* (uit cijfers van het DNB blijkt dat) Voor huishoudens onder de 35 jaar de gemiddelde LTV bij het afsluiten van de hypotheek 94 procent, in het eerste kwartaal van 2017 bedroeg. Over het gebruik van de maximale ruimte van de LTV zijn de meest recente beschikbare gegevens van 2016. Toen had ongeveer 25 procent van de huishoudens onder de 35 jaar een LTV van tussen de 101 en 102 procent, en zat daarmee op of vlak onder het maximum.

** Het percentage van de huizenkopers dat in aanmerking komt voor het afsluiten van een hypotheek met NHG en daar niet voor kiest is 30,9% voor 2017 (cijfer tot nu toe).Er is de afgelopen jaren een stijging te zien in dit percentage: van 12% in 2012, 18,7% in 2013, 22,5% in 2014, 20,6% in 2015, naar 27,3% in 2016.

 ***Kijk bijvoorbeeld naar Denemarken, waar een maximale LTV van 80% geldt voor met obligaties gedekte hypotheken. Huishoudens in Denemarken financieren het overige benodigde kapitaal bij. Dit kapitaal wordt weliswaar verstrekt, maar niet via gedekte hypotheekobligaties, wel bijvoorbeeld via aanvullende risicovolle kredieten van commerciële banken. Dit heeft ervoor gezorgd dat de Deense huishoudschuld thans de hoogste is in Europa (OESO, 2017).

Recordaantal leningaanvragen in derde kwartaal

0

Het gaat goed met de economie. Dat merken ook kredietverstrekkers en financieel tussenpersonen. Nooit eerder werden zoveel aanvragen voor een lening gedaan als in het derde kwartaal van 2017. Topdrukte in een periode die bekend staat als de rustigste tijd van het jaar. Dat meldt Ambtenarenlening op basis van eigen cijfers.

Drukste periode ooit
Volgens Richard Jägers van Ambtenarenlening was het derde kwartaal van 2017 uitzonderlijk druk voor verstrekkers en bemiddelaars van consumptief krediet. “Net als in veel andere sectoren, staat het derde kwartaal bekend als een relatief ‘slappe’ periode. Ik werk al meer dan 25 jaar in de kredietbemiddeling, maar de drukte van afgelopen zomer heb ik nog niet eerder meegemaakt. Het derde kwartaal was veruit de drukste periode ooit”, licht Jägers toe. “In de maanden juli tot en met september kregen we maar liefst 40 procent meer aanvragen dan in dezelfde periode vorig jaar. Van 3.244 aanvragen in het derde kwartaal van 2016 naar 4.554 aanvragen in dezelfde periode dit jaar. Van de banken waar wij mee samenwerken horen we dezelfde signalen terug.”

Alle lichten op groen
Waarom juist de zomerperiode er zo uitschiet, kan Jägers wel verklaren. “Alle lichten staan op groen: de economie groeit, de werkloosheid daalt, het consumentenvertrouwen neemt toe en, niet onbelangrijk, de rente staat historisch laag. Inmiddels klinken er geluiden dat de rente weer omhoog gaat. Veel mensen willen dit voor zijn en sluiten juist nu nog een lening af.” Die lage rente verklaart volgens de kredietbemiddelaar ook dat nog steeds veel mensen kiezen voor de zekerheid van een vaste rente op een persoonlijke lening ten opzichte van de variabele rente op een doorlopend krediet.

Ook andere sectoren profiteren van het toenemend aantal leningen. Een voorbeeld daarvan is de autobranche. “De auto is een favoriet bestedingsdoel voor een lening. Uit cijfers van het CBS bleek in augustus dat de auto- en motorbranche in het tweede kwartaal van 2017 5 procent meer omgezet heeft dan in dezelfde periode vorig jaar. Mensen durven weer te investeren en geld te lenen, bijvoorbeeld voor een nieuwe auto”, aldus Jägers. 

Over Ambtenarenlening
Ambtenarenlening is een van de grootste kredietbemiddelaars van Nederland. Het bedrijf bemiddelt uitsluitend voor (semi-)ambtenaren werkzaam bij de overheid, politie, defensie en binnen het onderwijs. Ambtenarenlening is aangesloten bij het College Bescherming Persoonsgegevens, het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening en voldoet aan alle eisen van de Wet op het financieel toezicht waarvan de Autoriteit Financiële Markten toezichthouder is. Met een tevredenheidsscore van 9,6 op Trustpilot is Ambtenarenlening de nummer 1 in de categorie Particuliere Financiering