Home Blog

Hobo Hifi legt miljoenenclaim neer bij Rabobank na intrekking krediet

0

Dit bericht is van Hobo Hifi B.V.

Hobo Hifi, specialist in onder meer audio en video apparatuur, werd in oktober 2014 gedwongen het faillissement aan te vragen nadat de Rabobank zonder voorafgaande aankondiging per direct het krediet had opgezegd. Na het faillissement heeft Hobo Hifi een succesvolle doorstart gemaakt en is het de grootste zelfstandige specialist in het hogere segment voor beeld en geluid met 5 vestigingen en een webshop.

De directie en de eigenaar van Hobo Hifi hebben altijd gesteld dat de Rabobank onrechtmatig heeft gehandeld doordat de bank in 2014 welbewust het faillissement heeft veroorzaakt. Op het moment van opzegging was er geen sprake van enige betalingsachterstand, alle verplichtingen werden tijdig nagekomen en de onderneming was met de bank nog in gesprek over een reorganisatie. In strijd met de harde toezegging van de Rabobank om de resultaten van de reeds in gang gezette reorganisatie af te zullen wachten, kreeg Hobo Hifi volkomen onverwacht van de bank te horen dat het krediet met onmiddellijke ingang werd opgezegd, zonder de eigenaar en/of onderneming in de gelegenheid te stellen om het krediet aan de bank af te lossen, iets waartoe de eigenaar wel degelijk in staat was. Naast de opzegging van het krediet heeft de Rabobank alle voorraden van het bedrijf uit de winkels weggehaald en door BVA Auctions laten veilen met als gevolg een aanzienlijke kapitaalvernietiging van vele miljoenen euro’s.

Eind vorig jaar gebood de Rechtbank Gelderland de curator van Hobo Hifi al om de vorderingen op Rabobank over te dragen aan de eigenaar van Hobo Hifi, zodat deze een gerechtelijke procedure tegen Rabobank kon starten. De rechtbank overwoog toen onder meer dat “vraagtekens kunnen worden gezet bij het besluit van Rabobank om het krediet op te zeggen” en “uit de over en weer gewisselde standpunten de rechtbank niet kan afleiden dat de stellingname van de eigenaar (dat de Rabobank onrechtmatig heeft gehandeld) bij voorbaat kansloos is”. De eigenaar van Hobo Hifi is nu gerechtigd om namens de gefailleerde onderneming de Rabobank aansprakelijk te stellen voor de schade die is veroorzaakt door de opzegging van het krediet, die naar de mening van de eigenaar naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar en onrechtmatig is. De uitspraak van de rechtbank en de stellige overtuiging van de eigenaar dat de Rabobank de belangen van Hobo Hifi en ook haar werknemers ten onrechte ondergeschikt heeft gemaakt aan haar eigen belang, heeft de eigenaar van Hobo Hifi, in navolging van de voormalige OAD-aandeelhouders, nu ook doen besluiten om de Rabobank aansprakelijk te stellen voor de geleden schade, welke vooralsnog is geraamd op 8 miljoen euro. Omdat de Rabobank iedere aansprakelijkheid afwijst zal de rechter zich nu over de kwestie moeten buigen.

Zonnige tijden voor het MKB

0

Minder ondernemers met geldnood

Baarn, 6 augustus 2018 – Het aantal ondernemers met geldproblemen daalde in het tweede kwartaal met acht procent ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar en met name ondernemers in horeca en detailhandel profiteren van de positieve economische ontwikkelingen. Uitzondering is er voor zelfstandigen in de zorgsector. Daar steeg het aantal bijstandsaanvragen met 17%.

Dat blijkt uit de IMK-index van het Instituut voor het Midden- en Kleinbedrijf (IMK). Het IMK publiceert de index sinds 2011 ieder kwartaal en baseert zich daarbij op het aantal ondernemers dat een beroep doet op bijstandverlening voor zelfstandigen (Bbz) in de vorm van krediet en/of een uitkering bij circa 300 gemeenten in Nederland. Het IMK beoordeelt in opdracht van die gemeenten of de ondernemingen in de kern wel levensvatbare bedrijven zijn. De index geeft een goed beeld van het aantal ondernemers dat in zwaar weer verkeert en geldt als indicator voor het aantal faillissementen.

Verzadiging in de coachingsmarkt

In de zorgmarkt is een divers beeld zichtbaar. “Met name de markt voor coaches lijkt verzadigd te zijn”, vertelt Han Dieperink, algemeen directeur bij het IMK, “We zien dat veel coaches moeite hebben om zich goed te onderscheiden, terwijl het aantal coaches in de afgelopen jaren flink is toegenomen. Met die combinatie is er in de coachingsmarkt alleen met goed ondernemerschap, heldere keuzes en goede acquisitie voldoende inkomen te genereren”.

 

Rechter blijft maar BKR-registraties schrappen

0

Bureau uit Tiel negeert eis Kamer en minister over verwijderen registraties

Zoetermeer/Tiel, 24 Juli 2018 – Mensen die hun BKR-registratie willen verwijderen omdat ze vanwege een kleine betalingsachterstand geen hypotheek of krediet krijgen, moeten daarvoor nog regelmatig naar de rechter. Van de vele rechtszaken die juridisch dienstverlener Dynamiet Nederland heeft aangespannen om BKR-registraties te laten verwijderen, werden er sinds januari 35 afgehandeld. Daarvan werden er 28 gewonnen.

Deze praktijk druist in tegen de eis van de Minister van Financiën en de Tweede Kamer dat het Bureau Krediet Registratie (BKR) het verwijderen van disproportionele registraties makkelijker moet maken. Onlangs nog moest de rechtbank Midden-Nederland vonnis wijzen in een zaak waarbij kredietverstrekker Santander weigerde de registratie van een inwoner van Haarlem te verwijderen. Doordat de man een half jaar in Spanje woonde, had hij drie betalingstermijnen voor zijn iPad gemist, waardoor hij een betalingsachterstand van 56 euro had opgelopen. Hoewel hij die achterstand snel had ingehaald en het krediet jaren geleden had afgelost, had hij nog steeds een negatieve registratie achter zijn naam staan. Daardoor kreeg hij geen hypotheek en geen creditcard, hoewel hij een goede baan met een stabiel inkomen heeft. De rechter oordeelde dat het handhaven van een BKR-registratie niet in verhouding staat tot de gevolgen voor Haarlemmer. Zijn belangen wegen zwaarder dan die van Santander. Daarom heeft de rechtbank Santander bevolen de registratie bij het BKR te laten verwijderen.

Dynamiet heeft dit jaar al bij 35 van dergelijke rechtszaken een uitspraak verkregen of een schikking bereikt. Op zeven na werden die allemaal gewonnen. Bijna 80 procent. Dat slagingspercentage neemt alleen maar toe. Steeds oordeelde de rechter dat een negatieve registratie niet opwoog tegen de gevolgen voor de consument en dat het BKR mensen van de zwarte lijst moest halen. Ter vergelijking: van de 335 mensen die de afgelopen twee jaar zelf naar de geschillencommissie van het BKR stapten, kregen er uiteindelijk slechts 30 gelijk.

De juridisch dienstverlener stelt dat er ondanks Kamervragen en een dringend advies van de Minister van Financiën nog nauwelijks iets veranderd is bij het bureau in Tiel. In januari publiceerde het BKR de zogeheten ‘handreiking belangenafweging’. Daarin staat hoe consumenten een verzoek kunnen doen om verwijdering van hun gegevens en hoe de belangen tussen de hoogte van de betalingsachterstand of schuld en de gevolgen voor de consument worden afgewogen. Die belangenafweging is in 2011 verplicht gesteld door een arrest van de Hoge Raad. Als de schuld niet opweegt tegen de gevolgen, moet de registratie geschrapt worden, aldus de hoogste rechter. ,,In de praktijk blijven kredietverstrekkers en banken echter door doof voor dit soort verzoeken. Sterker nog: we hebben bewijs dat het BKR banken adviseert om een negatieve registratie niet te vermelden als weigeringsgrond voor een hypotheek,” stelt  directeur Deepak Thakoerdien van Dynamiet.nl. ,,Dan kunnen mensen dat niet als argument gebruiken om een rechtszaak aan te spannen.”

In 2017 stonden 10,6 miljoen Nederlanders geregistreerd bij het BKR. Het aantal kredietnemers met een betalingsachterstand daalde vorig jaar van 730.000 naar 687.000.

Rechter blijft maar BKR-registraties schrappen

0

Bureau uit Tiel negeert eis Kamer en minister over verwijderen registraties

Zoetermeer/Tiel, 24 Juli 2018 – Mensen die hun BKR-registratie willen verwijderen omdat ze vanwege een kleine betalingsachterstand geen hypotheek of krediet krijgen, moeten daarvoor nog regelmatig naar de rechter. Van de vele rechtszaken die juridisch dienstverlener Dynamiet Nederland heeft aangespannen om BKR-registraties te laten verwijderen, werden er sinds januari 35 afgehandeld. Daarvan werden er 28 gewonnen.

Deze praktijk druist in tegen de eis van de Minister van Financiën en de Tweede Kamer dat het Bureau Krediet Registratie (BKR) het verwijderen van disproportionele registraties makkelijker moet maken. Onlangs nog moest de rechtbank Midden-Nederland vonnis wijzen in een zaak waarbij kredietverstrekker Santander weigerde de registratie van een inwoner van Haarlem te verwijderen. Doordat de man een half jaar in Spanje woonde, had hij drie betalingstermijnen voor zijn iPad gemist, waardoor hij een betalingsachterstand van 56 euro had opgelopen. Hoewel hij die achterstand snel had ingehaald en het krediet jaren geleden had afgelost, had hij nog steeds een negatieve registratie achter zijn naam staan. Daardoor kreeg hij geen hypotheek en geen creditcard, hoewel hij een goede baan met een stabiel inkomen heeft. De rechter oordeelde dat het handhaven van een BKR-registratie niet in verhouding staat tot de gevolgen voor Haarlemmer. Zijn belangen wegen zwaarder dan die van Santander. Daarom heeft de rechtbank Santander bevolen de registratie bij het BKR te laten verwijderen.

Dynamiet heeft dit jaar al bij 35 van dergelijke rechtszaken een uitspraak verkregen of een schikking bereikt. Op zeven na werden die allemaal gewonnen. Bijna 80 procent. Dat slagingspercentage neemt alleen maar toe. Steeds oordeelde de rechter dat een negatieve registratie niet opwoog tegen de gevolgen voor de consument en dat het BKR mensen van de zwarte lijst moest halen. Ter vergelijking: van de 335 mensen die de afgelopen twee jaar zelf naar de geschillencommissie van het BKR stapten, kregen er uiteindelijk slechts 30 gelijk.

De juridisch dienstverlener stelt dat er ondanks Kamervragen en een dringend advies van de Minister van Financiën nog nauwelijks iets veranderd is bij het bureau in Tiel. In januari publiceerde het BKR de zogeheten ‘handreiking belangenafweging’. Daarin staat hoe consumenten een verzoek kunnen doen om verwijdering van hun gegevens en hoe de belangen tussen de hoogte van de betalingsachterstand of schuld en de gevolgen voor de consument worden afgewogen. Die belangenafweging is in 2011 verplicht gesteld door een arrest van de Hoge Raad. Als de schuld niet opweegt tegen de gevolgen, moet de registratie geschrapt worden, aldus de hoogste rechter. ,,In de praktijk blijven kredietverstrekkers en banken echter door doof voor dit soort verzoeken. Sterker nog: we hebben bewijs dat het BKR banken adviseert om een negatieve registratie niet te vermelden als weigeringsgrond voor een hypotheek,” stelt  directeur Deepak Thakoerdien van Dynamiet.nl. ,,Dan kunnen mensen dat niet als argument gebruiken om een rechtszaak aan te spannen.”

In 2017 stonden 10,6 miljoen Nederlanders geregistreerd bij het BKR. Het aantal kredietnemers met een betalingsachterstand daalde vorig jaar van 730.000 naar 687.000.

VEH: Helft geldvertrekkers frustreert energiebesparing

0

VEH: Helft geldvertrekkers frustreert energiebesparing

Amersfoort, 23 juli 2018 – Huizenkopers krijgen bij een kwart van de geldverstrekkers ‘nee’ te horen als ze de wettelijk toegestane 106% willen lenen om hun nieuwe woning energiezuiniger te maken. Een kleine 30% wil hun klanten wel meer lenen voor verduurzaming van hun woning, maar berekenen daarvoor een renteopslag over het hele hypotheekbedrag die kan oplopen tot meer dan een half procent.

Vereniging Eigen Huis roept banken en andere geldverstrekkers op om kopers te helpen bij de verduurzaming van hun nieuwe huis,zonder daarvoor drempels op te werpen. Straffen met een hogere rente hoort daar zeker niet bij. De vereniging schrijft hierover een brief aan minister Ollongren.

Meer lenen mag wel, maar lukt vaak niet

Bij het afsluiten van een hypotheek kan een koper sinds 2013 maximaal 106% van de woningwaarde lenen om zijn nieuwe huis energiezuinig te maken. Vereniging Eigen Huis onderzocht deze mogelijkheid bij 31 geldverstrekkers. Maar liefst acht daarvan doen hier niet aan mee: ING, Aegon, Argenta, Moneyou, Tulp Hypotheken, Van Lanschot, Philips Pensioenfonds en Lloyds Bank. Negen anderen berekenen hun klanten voor deze verduurzamingshypotheek een soms forse meerprijs. “Zo gaat het grootste voordeel van de energiebesparing naar de bank in plaats van naar de klant”, zegt Nico Stolwijk van Vereniging Eigen Huis. Veertien geldverstrekkers laten zien hoe het wel moet: daar kan je wel extra lenen om je nieuwe woning energiezuinig te maken, zonder dat je daarvoor een hogere hypotheekrente betaalt.

SNS hypotheek veel duurder door energiebesparing

Iemand die een woning koopt met een waarde van € 300.000 kan maximaal € 318.000 lenen, mits het extra geld wordt besteedt aan isolatie, zonnepanelen of andere energiebesparende maatregelen. Bij SNS betalen klanten hiervoor de hoogste renteopslag. Deze bank berekent over de gehele hypotheek maar liefst 0,55% bovenop de normale rente, waardoor de jaarlijkse lasten € 1.750 (bruto) stijgen.

Terugverdienen met isoleren

Een huis met een energielabel F komt na dak-, gevel, en vloerisolatie en met HR++ glas in aanmerking voor energielabel B. Deze investering kost ruim € 17.000 voor een gemiddelde tussenwoning. De eigenaar die deze verbeteringen uitvoert zal zijn jaarlijkse energierekening met ruim € 1.300 zien dalen. Maar bij SNS gaat de netto hypotheeklast door de renteopslag ruim € 1.000 omhoog (42% IB). Stolwijk: “De mogelijkheid om het geld dat je in isolatie hebt gestopt terug te verdienen gaat dan in rook op. Je terugverdientijd loopt namelijk op tot meer dan 50 jaar”.

Amsterdamse Space start-up Hiber live dankzij innovatiekrediet RVO

0

Hiber commercieel live met innovatiekrediet van RVO.
Team uitgebreid met Steven Rutgers.

Amsterdam, 23 juli 2018 – De new space start-up Hiber krijgt een Innovatiekrediet van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Deze financiering zal het mede mogelijk maken om de eerste twee satellieten in de ruimte te krijgen. Tegelijkertijd komt Steven Rutgers het team versterken als VP Business Development. Steven heeft 17 jaar ervaring in de satelliet industrie.

Het krediet
Hiber wordt gefinancierd met €1.8 miljoen innovatiekrediet door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Hiermee maakt RVO het mede mogelijk om de eerste twee satellieten, van het toekomstige Hiber satelliet netwerk, de ruimte in te krijgen. De satellieten zullen na de zomer van 2018 gelanceerd worden.

De lancering
Na de lancering van de eerste satelliet zal het Low Power Global Area Network (LPGAN) van Hiber, ook wel Hiberband genoemd, getest worden door verschillende pilot klanten over de hele wereld. Hiberband zal ervoor zorgen dat het wereldwijd mogelijk is om dingen eenvoudig, met een laag energieverbruik en tegen een lage prijs met het internet te verbinden om data uit te lezen. Zo werkt Hiber vanaf de lancering van de eerste satelliet mee aan het bestrijden van de klimaatverandering, het effectiever laten groeien van gewassen en het tracken van vee.

Uitbreiding van het team
Steven Rutgers komt het team van Hiber versterken als VP Business Development en zal wereldwijd leiding geven aan het Hiber sales team. Steven heeft jarenlange ervaring op het gebied van marketing en sales. Hij heeft meer dan 16 jaar voor Inmarsat gewerkt, waar hij verantwoordelijk was voor de ontwikkeling van IoT in sectoren zoals landbouw, visserijen, olie en gas.

Einde persbericht

Over Hiber
Hiber is een Amsterdamse start-up die in 2016 is opgericht. Slechts twee jaar oud staat het bedrijf nu al aan de vooravond van de lancering van een eigen satelliet netwerk. Dit netwerk, genaamd the Low Power Global Area Network (LPGAN), zal het wereldwijd mogelijk maken dingen eenvoudig en met een laag energieverbruik met het internet te verbinden. Hiber is hiermee de eerste die het mogelijk maakt dat iedereen, waar dan ook ter wereld, gebruik kan maken van betaalbare en simpele IoT-connectiviteit.
https://hiber.global/

Over RVO – innovatiekrediet
Het Innovatiekrediet richt zich op de ontwikkeling van veelbelovende en uitdagende innovaties met een uitstekend marktperspectief. Het kan daarbij gaan om de technische ontwikkeling van een nieuw product of proces of de klinische ontwikkeling van een medicijn of apparaat. Alle bedrijven, zowel starters als gevestigde bedrijven (groot of klein), kunnen profiteren van het Innovatiekrediet.

Met het Innovatiekrediet wil het ministerie van Economische Zaken en Klimaat een bijdrage leveren aan de innovatiekracht en een duurzame groei van de Nederlandse economie. De overheid vult met het Innovatiekrediet een gat op de kapitaalmarkt, waarbij innovatieve projecten niet geheel uit eigen middelen of door de markt kunnen worden gefinancierd. In deze fase is er nog geen omzet en zijn ondernemers druk doende om iets werkend te krijgen.
https://www.rvo.nl/subsidies-regelingen/innovatiek…

BB&T rapporteert recordwinst voor kwartaal van $0,99 per verwaterd aandeel, een stijging met $0,22 of 28,6 procent ten opzichte van het tweede kw

0

WINSTON-SALEM, North Carolina, 20 juli 2018 /PRNewswire/ — BBT Corporation heeft vandaag een recordwinst gerapporteerd voor het tweede kwartaal van 2018. De netto-inkomsten beschikbaar voor gewone aandeelhouders bedroegen $775 miljoen. De winst per verwaterd gewoon aandeel was $0,99 voor het tweede kwartaal van 2018, een stijging ten opzichte van $0,94 in het laatste kwartaal. De resultaten voor het tweede kwartaal leverden een rendement op jaarbasis op gemiddelde activa van 1,49 procent en een rendement op jaarbasis op het gemiddelde eigen vermogen van gewone aandeelhouders van 11,74 procent.

Exclusief fusiegerelateerde kosten en reorganisatiekosten vóór belasting van $24 miljoen ($17 miljoen na belasting), bedroegen de netto-inkomsten beschikbaar voor gewone aandeelhouders $792 miljoen of $1,01 per verwaterd aandeel.

De netto-inkomsten beschikbaar voor gewone aandeelhouders bedroegen $745 miljoen ($0,94 per verwaterd aandeel) voor het eerste kwartaal van 2018 en $631 miljoen ($0,77 per verwaterd aandeel) voor het tweede kwartaal van 2017.

“De sterke omzet, verbeterde groei van leningen en solide kostenbeheersing hebben geresulteerd in een recordwinst voor het kwartaal”, aldus Chairman en Chief Executive Officer Kelly S. King. “We hebben ten opzichte van het vorige kwartaal een overtuigende groei op jaarbasis van 3,5 procent in gemiddelde voor investeringen aangehouden leningen gerealiseerd. Onze winst vóór belasting bedroeg meer dan $1,0 miljard en ook dat is een record en betekent een stijging van 4,7 procent ten opzichte van het tweede kwartaal van vorig jaar.”

“De omzet bedroeg $2,9 miljard, waarbij zowel het netto rente-inkomen als het inkomen niet uit rente afkomstig dicht bij het hoogste niveau ooit uitkwamen. Totale kosten anders dan voor rente voor het kwartaal bedroegen $1,7 miljard, $22 miljoen minder dan in het tweede kwartaal van 2017. Exclusief fusiegerelateerde kosten en reorganisatiekosten waren de kosten anders dan voor rente $36 miljoen minder, en dat is het resultaat van onze progressie in onze optimalisatie-inspanningen”, zei King.

“De kwaliteit van activa blijft uitstekend en is in het tweede kwartaal verder verbeterd. Niet-presterende activa, netto afschrijvingen en leningen 90 dagen of meer achterstallig zijn allemaal minder geworden ten opzichte van al zeer lage niveaus”, zei King.

“We zijn er blij mee dat de Federal Reserve geen bezwaar heeft aangetekend tegen ons kapitaalplan dat voorziet in een toename van $0,03 per aandeel in ons dividend, waarover in de vergadering van de Board of Directors in juli zal worden overlegd, en het terugkopen van aandelen tot een waarde van $1,7 miljard. Een deel van het kapitaal dat was gereserveerd voor het terugkopen van aandelen, is gebruikt voor de overname van Regions Insurance begin juli. Die overname past prima in onze strategie en vergroot ons netwerk van detailhandelsverzekeringen in belangrijke markten voor BBT in het zuidoosten en nieuwere markten in Texas, Louisiana, Arkansas en Indiana”, aldus King.

Hoogtepunten prestaties tweede kwartaal 2018


— Winst per verwaterd gewoon aandeel bedroeg $0,99, een stijging met $0,05
ten opzichte van het eerste kwartaal van 2018

— Exclusief fusiegerelateerde kosten en reorganisatiekosten bedroeg de
winst per verwaterd gewoon aandeel $1,01
— Rendement op gemiddelde activa was 1,49 procent
— Rendement op gemiddeld eigen vermogen van gewone aandeelhouders was
11,74 procent
— Rendement op gemiddeld actief vermogen van gewone aandeelhouders was
19,78 procent

— Belastbare equivalente opbrengsten bedroegen $2,9 miljard, een stijging
van $65 miljoen ten opzichte van het eerste kwartaal van 2018

— De netto-rentemarge bedroeg 3,45 procent, één basispunt hoger dan
in het voorgaande kwartaal
— Het inkomen niet uit rente afkomstig ging met $42 miljoen omhoog,
voornamelijk vanwege hogere verzekeringsinkomsten
— De ratio van de provisie-inkomsten bedroeg 42,5 procent, vergeleken
met 41,9 procent in het voorgaande kwartaal

— Uitgaven anders dan aan rente bedroegen $1,7 miljard, een stijging met
$34 miljoen ten opzichte van het eerste kwartaal van 2018, met name
vanwege uitgaven aan op prestaties gebaseerde premies

— Uitgaven anders dan aan rente waren $22 miljoen lager dan in het
tweede kwartaal van 2017
— GAAP-efficiëntieratio bedroeg 59,7 procent, vergeleken met 60,0
procent in het eerste kwartaal van 2018
— Aangepaste efficiëntieratio bedroeg 57,4 procent, vergeleken met
57,3 procent in het eerste kwartaal van 2018

— Gemiddelde leningen en leases die werden aangehouden voor investeringen,
bedroegen $144,1 miljard, een stijging van $1,2 miljard of 3,5 procent
op jaarbasis ten opzichte van het eerste kwartaal van 2018

— Gemiddelde commerciële en industriële leningen namen toe met $921
miljoen, of 6,3 procent op jaarbasis
— Gemiddelde leningen voor commercieel onroerend goed namen toe met
$148 miljoen, of 2,8 procent op jaarbasis
— Gemiddelde huizenhypotheken namen toe met $448 miljoen, of 6,2
procent op jaarbasis
— Gemiddelde directe retailkredieten namen af met $111 miljoen, of 3,8
procent op jaarbasis
— Gemiddelde indirecte leningen namen af met $110 miljoen, of 2,6
procent op jaarbasis

— Gemiddelde deposito’s bedroegen $157,7 miljard, vergeleken met $157,1
miljard voor het eerste kwartaal van 2018

— De gemiddelde niet-rentedragende deposito’s groeiden met $567
miljoen, of 4,3 procent op jaarbasis
— Gemiddelde niet-rentedragende deposito’s stonden voor 34,2 procent
van de totale deposito’s, vergeleken met 34,0 procent in het
voorgaande kwartaal
— De gemiddelde kosten van rentedragende deposito’s bedroegen 0,57
procent, een stijging van 11 basispunten

— Kwaliteit van activa blijft uitstekend

— Niet-presterende leningen vormden 0,38 procent van de voor
investeringen aangehouden leningen, een daling van vier basispunten
ten opzichte van het eerste kwartaal van 2018
— Leningen 90 dagen of meer achterstallig en nog steeds groeiend
bedroegen 0,30 procent van de voor investeringen aangehouden
leningen, vergeleken met 0,34 procent in het voorgaande kwartaal
— Netto afschrijvingen vormden 0,30 procent van gemiddelde leningen en
leases, een daling van 11 basispunten
— De reservering voor de dekkingsratio van leningsverlies was 2,74
maal niet-presterende leningen die voor investeringen werden
aangehouden, vergeleken met 2,49 maal in het voorgaande kwartaal
— De reservering voor lenings- en leaseverliezen was 1,05 procent van
de leningen aangehouden voor investeringen, ongewijzigd ten opzichte
van het voorgaande kwartaal

— Kapitaalniveaus bleven over het geheel sterk

— Tier 1 kernkapitaal ten opzichte van risicogewogen activa bedroeg
10,2 procent
— Tier 1 risicogebaseerd kapitaal bedroeg 11,9 procent
— Totaal kapitaal bedroeg 13,9 procent
— Leverage kapitaal bedroeg 10,0 procent


Presentatie resultaten en samenvatting kwartaalprestaties

Als u wilt luisteren naar de live conference call over de resultaten van BBT in het tweede kwartaal van 2018, vandaag om 8 uur ‘s ochtends (ET), belt u 866-519-2796 en voert u de deelnemerscode 876127 in. Tijdens de conference call over de resultaten wordt een presentatie gebruikt die daarna ook beschikbaar is op onze website op https://bbt.investorroom.com/webcasts-and-presentations. De conference call kan gedurende 30 dagen worden afgeluisterd via het telefoonnummer 888-203-1112 (toegangscode 6326592).

De presentatie, inclusief een bijlage voor harmonisatie van niet-GAAP-verklaringen, vindt u op https://bbt.investorroom.com/webcasts-and-presentations. De samenvatting van de kwartaalprestaties van BBT in het tweede kwartaal van 2018, die gedetailleerde financiële gegevens bevat, is beschikbaar op de website van BBT op https://bbt.investorroom.com/quarterly-earnings [https://bbt.investorroom.com/quarterly-earnings].

Over BBT

Per 30 juni 2018 is BBT een van de grootste holdingmaatschappijen in de financiële dienstverlening van de Verenigde Staten met $222,7 miljard aan activa en een marktkapitalisatie van ongeveer $39,1 miljard. Het fundament van BBT is een lange traditie van uitstekende dienstverlening in de banksector, en BBT biedt een breed scala aan financiële services, waaronder bankdiensten voor de detailhandel en zakelijke bankdiensten, investeringen, verzekering, vermogensbeheer, activumbeheer, hypotheken, bankdiensten voor grotere ondernemingen, kapitaalmarkten en gespecialiseerde leningen. BBT is gevestigd in Winston-Salem, North Carolina, en is actief in meer dan 1.900 financiële centra in 15 staten en Washington, D.C. Het bedrijf wordt als bank voor het midden- en kleinbedrijf stelselmatig erkend voor uitstekende klantenservice door de Greenwich Associates. Kijk voor meer informatie over BBT en haar producten en diensten op BBT.com.

Kapitaalratio’s zijn voorlopig.

Dit persbericht bevat financiële informatie en prestatiemaatstaven die niet zijn bepaald in overeenstemming met de algemeen aanvaarde boekhoudkundige principes (“GAAP”) in de Verenigde Staten. Het management van BBT gebruikt deze “niet-GAAP”-maatstaven in de analyse van de prestaties van het Bedrijf en de efficiëntie van de activiteiten. Het management denkt dat deze niet-GAAP-maatstaven een beter inzicht bieden in de lopende bedrijfsactiviteiten, de vergelijkbaarheid verbeteren van resultaten in voorgaande perioden en daarnaast de effecten aantonen van de aanzienlijke posten in de huidige periode. Het Bedrijf denkt dat het voor een betekenisvolle analyse van haar financiële prestaties nodig is de factoren te begrijpen die ten grondslag liggen aan die prestaties. Het management van BBT denkt dat voor investeerders deze financiële niet-GAAP-maatstaven bruikbaar zijn. Deze informatie dient niet te worden beschouwd als een vervanging voor de financiële maatstaven die zijn bepaald in overeenstemming met GAAP, noch is deze per definitie vergelijkbaar met de niet-GAAP-prestatiemaatstaven die mogelijk worden gepresenteerd door andere bedrijven. Hieronder volgt een lijst van de soorten niet-GAAP-maatstaven die in dit persbericht worden gehanteerd:


— De aangepaste efficiëntieratio is een niet-GAAP-maatstaf in de zin dat
deze winsten (verliezen) op effecten, afschrijving van immateriële
activa, fusiegerelateerde kosten, reorganisatiekosten en andere
geselecteerde posten buiten beschouwing laat. Het management van BBT
hanteert deze maatstaf in haar analyse van de prestaties van het
Bedrijf. Het management van BBT gelooft dat deze maatstaf een beter
inzicht verschaft in de lopende activiteiten en de vergelijkbaarheid
vergroot van de resultaten in voorliggende perioden, en daarnaast de
effecten van de aanzienlijke baten en lasten aantoont.
— Actief aandelenkapitaal en gerelateerde kapitaalratio’s zijn
niet-GAAP-maatstaven die de impact van immateriële activa en daaraan
gerelateerde afschrijving buiten beschouwing laten. Deze maatstaven zijn
nuttig voor de consistente evaluatie van de bedrijfsprestaties, ongeacht
of het gaat om overgenomen of intern ontwikkelde activiteiten. Het
management van BBT hanteert deze maatstaven om de kwaliteit van het
kapitaal en het rendement ten opzichte van het balansrisico te
beoordelen en denkt dat investeerders deze nuttig kunnen vinden bij hun
analyse van het Bedrijf.
— De netto kernrentemarge is een niet-GAAP-maatstaf die de netto
rentemarge bijstelt om de effecten van de verantwoording van aankopen
uit te sluiten. Het rente-inkomen en de gemiddelde balansen voor
PCI-leningen zijn in hun geheel uitgesloten, aangezien de verantwoording
van deze leningen kan resulteren in aanzienlijke en ongebruikelijke
trends in rendementen. De verantwoordingen van aankooprekeningen en
gerelateerde afschrijvingen voor a) effecten verkregen van de FDIC in
verband met de overname van Colonial en b) niet-PCI-leningen, deposito’s
en langetermijnschulden overgenomen van Susquehanna en National Penn
zijn uitgesloten om hun rendementen in te schatten tegen tarieven
geldend voorafgaand aan de overname. Het management van BBT gelooft dat
de aanpassingen van de berekening van de netto rentemarge voor bepaalde
verkregen activa en passiva investeerders nuttige informatie verschaffen
over de relatieve prestatie van de winstgevende activa van BBT.
— De aangepaste verwaterde winst per aandeel is een niet-GAAP-maatstaf, in
de zin dat fusiegerelateerde kosten, reorganisatiekosten en andere
geselecteerde posten zijn uitgesloten, na aftrek van belastingen. Het
management van BBT hanteert deze maatstaf in haar analyse van de
prestaties van het Bedrijf. Het management van BBT gelooft dat deze
maatstaf een beter inzicht verschaft in de lopende activiteiten en de
vergelijkbaarheid vergroot van de resultaten in voorliggende perioden,
en daarnaast de effecten van de aanzienlijke baten en lasten aantoont.
— De aangepaste operationele leverage ratio is een niet-GAAP-maatstaf in
de zin dat deze winsten (verliezen) op effecten, afschrijving van
immateriële activa, fusiegerelateerde kosten, reorganisatiekosten en
andere geselecteerde posten buiten beschouwing laat. Het management van
BBT hanteert deze maatstaf in haar analyse van de prestaties van het
Bedrijf. Het management van BBT gelooft dat deze maatstaf een beter
inzicht verschaft in de lopende activiteiten en de vergelijkbaarheid
vergroot van de resultaten in voorliggende perioden, en daarnaast de
effecten van de aanzienlijke baten en lasten aantoont.
— De aangepaste prestatieratio’s zijn niet-GAAP-maatstaven in de zin dat
fusiegerelateerde kosten en reorganisatiekosten en, in het geval van
rendement op het gemiddelde kernkapitaal van de normale aandeelhouders,
afschrijvingen van immateriële activa zijn uitgesloten. Het management
van BBT hanteert deze maatstaven in haar analyse van de prestaties van
het Bedrijf. Het management van BBT gelooft dat deze maatstaven een
beter inzicht verschaffen in de lopende activiteiten en de
vergelijkbaarheid vergroten van de resultaten in voorliggende perioden,
en daarnaast de effecten van de aanzienlijke baten en lasten aantonen.
Een harmonisatie van deze niet-GAAP-maatstaven met de meest vergelijkbare GAAP-maatstaven is te vinden in het overzicht van BBT’s prestaties in het tweede kwartaal van 2018, dat is te vinden op https://bbt.investorroom.com/quarterly-earnings [https://bbt.investorroom.com/quarterly-earnings] .

Dit persbericht bevat “uitspraken over verwachtingen voor de toekomst”, in de zin van de ‘Private Securities Litigation Reform Act’ van 1995, aangaande de financiële situatie, resultaten van de bedrijfsactiviteiten, bedrijfsplannen en toekomstige prestaties van BBT. Uitspraken over verwachtingen voor de toekomst zijn niet gebaseerd op historische feiten, maar in plaats daarvan op overtuigingen en aannames van het management met betrekking tot de activiteiten van BBT, de economie en andere toekomstige omstandigheden. Omdat uitspraken over verwachtingen betrekking hebben op de toekomst, zijn die onderworpen aan inherente onzekerheden, risico’s en wijzigingen in omstandigheden die moeilijk te voorspellen zijn. De daadwerkelijke resultaten van BBT kunnen wezenlijk afwijken van de resultaten die worden overwogen in uitspraken over verwachtingen voor de toekomst. Termen als “anticipeert”, “denkt”, “schat”, “verwacht”, “voorspelt”, “bedoelt”, “plant”, “projecteert”, “kan”, “zal”, “moet”, “kon” en andere vergelijkbare uitdrukkingen zijn bedoeld om deze voorspellende verklaringen te identificeren. Dergelijke verklaringen zijn onderhevig aan factoren die ertoe kunnen leiden dat de daadwerkelijke resultaten wezenlijk verschillen van de verwachte resultaten. Ook al bestaat er geen garantie dat een opsomming van risico’s en onzekerheden of risicofactoren compleet is, volgt hier een lijst van belangrijke factoren die ertoe kunnen leiden dat daadwerkelijke resultaten wezenlijk afwijken van de resultaten die worden gepresenteerd in de uitspraken over verwachtingen voor de toekomst, zonder beperking, alsmede de risico’s en onzekerheden die tot in detail worden besproken onder “Item 1A-Risk Factors” in ons jaarverslag op Formulier 10-K voor het jaar dat eindigde op 31 december 2017 en in stukken die BBT daarna nog heeft ingediend bij de Securities and Exchange Commission:


— algemene economische of zakelijke omstandigheden, hetzij nationaal,
hetzij regionaal, kunnen minder gunstig zijn dan verwacht, wat, onder
meer, kan resulteren in lagere deposito’s en/of activumgroei en een
achteruitgang van de kredietkwaliteit en/of een teruglopende vraag naar
krediet, verzekeringen en andere diensten;
— verstoringen in de nationale of wereldwijde financiële markten,
inclusief de impact van een downgrade van obligaties van de Amerikaanse
overheid door een van de kredietbeoordelaars, de economische
instabiliteit en recessieomstandigheden in Europa en het uiteindelijke
vertrek van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie;
— veranderingen in het renteklimaat, inclusief wijzigingen in het
rentetarief door de Federal Reserve, samen met herbeoordelingen van
cashflows, kunnen mogelijk de netto rentemarges en/of de volumes en
waarde van leningen en deposito’s verminderen; hetzelfde geldt voor de
waarde van andere financiële activa en passiva;
— de concurrentiedruk tussen deposito- en andere financiële instellingen
kan aanzienlijk toenemen;
— veranderingen in wet- en regelgeving of boekhoudkundige veranderingen,
inclusief wijzigingen als gevolg van de goedkeuring en implementatie van
de Dodd-Frank Act, kunnen negatieve gevolgen hebben voor de
bedrijfstakken waarbinnen BBT actief is;
— lokale en nationale belastingdiensten en belastingdiensten op
staatsniveau kunnen belastingposities innemen die nadelig zijn voor
BBT;
— de kredietbeoordeling van BBT kan achteruit gaan;
— er kunnen nadelige veranderingen optreden op de effectenmarkten;
— concurrenten van BBT kunnen mogelijk meer financiële middelen hebben
of producten ontwikkelen die hen in staat stellen succesvoller te
concurreren dan BBT, en kunnen onderhevig zijn aan andere regelgeving
dan BBT;
— cyber-veiligheidsrisico’s kunnen de zakelijke en financiële prestaties
en reputatie van BBT negatief beïnvloeden, en BBT kan aansprakelijk
worden gesteld voor financiële verliezen waarmee derden te maken
krijgen als gevolg van inbreuk op gegevens die worden gedeeld onder
financiële instellingen;
— kosten hoger dan verwacht met betrekking tot de IT-infrastructuur of het
mislukken van de implementatie van toekomstige systeemuitbreidingen
kunnen negatieve gevolgen hebben voor de financiële toestand en
bedrijfsresultaten van BBT en kunnen leiden tot aanzienlijke extra
kosten voor BBT;
— natuurrampen en andere rampen, inclusief terroristische acties, kunnen
nadelige effecten hebben op BBT in die zin dat zulke gebeurtenissen de
bedrijfsactiviteiten van BBT wezenlijk kunnen verstoren en de
mogelijkheid of bereidheid van de klanten van BBT om een beroep te doen
op de financiële diensten van BBT nadelig kunnen beïnvloeden;
— kosten die te maken hebben met de integratie van de ondernemingen van
BBT en fusiepartners, kunnen groter uitvallen dan verwacht;
— het niet uitvoeren van de strategische of operationele plannen,
inclusief het vermogen om succesvol fusies en overnames te voltooien
en/of te integreren, of de verwachte bezuinigingen of omzetgroei in
verband met fusies en overnames te realiseren binnen het verwachte
tijdsbestek, kan een negatief effect hebben op de financiële toestand
en bedrijfsresultaten;
— gewichtige rechtszaken en regelgevingsprocedures kunnen een wezenlijk
negatieve uitwerking hebben op BBT;
— ongunstige oplossing van wettelijke procedures of andere claims en
onderzoeken door regelgevende instanties en andere overheidsinstellingen
of andere onderzoeken kunnen resulteren in negatieve publiciteit,
protesten, boetes, geldstraffen, beperkingen van de activiteiten van
BBT of het vermogen van het bedrijf om de activiteiten uit te breiden
en andere negatieve consequenties, hetgeen allemaal de reputatie kan
schaden en negatieve gevolgen kan hebben voor de financiële
omstandigheden en bedrijfsresultaten van BBT;
— risico’s voortkomend uit het uitvoerige gebruik van modellen;
— maatregelen op het gebied van risicomanagement zijn mogelijk niet
volledig effectief;
— afname van deposito’s door natuurlijk verloop, klantverlies en/of
inkomstenverlies als gevolg van voltooide fusies en overnames kan groter
zijn dan verwacht; en
— wijdverspreide systeemonderbrekingen, veroorzaakt door storingen in
kritieke interne systemen of kritieke diensten verleend door derden,
kunnen een negatief gevolg hebben voor de financiële omstandigheden en
bedrijfsresultaten van BBT.
Lezers wordt aangeraden niet bovenmatig te vertrouwen op deze uitspraken over verwachtingen voor de toekomst, die uitsluitend geldig zijn op de datum van dit rapport. Daadwerkelijke resultaten kunnen wezenlijk verschillen van de resultaten die expliciet of impliciet worden voorspeld in uitspraken over verwachtingen voor de toekomst. Behalve voor zover vereist door toepasselijke wet- en regelgeving, is BBT niet verantwoordelijk voor het herzien of actualiseren van enige uitspraken over verwachtingen voor de toekomst om welke reden dan ook.

CONTACT: ANALISTEN, Alan Greer, Executive Vice President, Investor Relations, (336) 733-3021; Richard Baytosh, Senior Vice President, Investor Relations, (336) 733-0732; MEDIA, Brian Davis, Senior Vice President, Corporate Communications, Media@BBT.com

Web site: http://www.bbt.com/

Nederlanders onderschatten kosten levensonderhoud na pensionering

0

Pensioengat slaat hard toe bij gepensioneerden, zo blijkt uit onderzoek van Schroders

Onderzoek: Nederlanders onderschatten de kosten van levensonderhoud na pensionering sterk

Nederlanders zijn geneigd de kosten van levensonderhoud na pensionering fors te onderschatten: degenen die de pensioenleeftijd naderen, verwachten gemiddeld 38% van hun pensioeninkomen aan eerste levensbehoeften[1]te besteden, maar in werkelijkheid geven gepensioneerden er meer dan 52% aan uit. 

Volgens de Global Investor Study 2018 van Schroders bestaat er in Nederland een flinke kloof tussen de verwachtingen van de niet-gepensioneerden en de financiële werkelijkheid van de gepensioneerden. 

Gepensioneerden hebben ook een lager inkomen dan wat mensen die de pensioenleeftijd naderen, verwachten straks nodig te hebben om comfortabel van te leven. Uit het onderzoek – waarin meer dan 22.000 mensen uit 30 landen werden ondervraagd [2]  – blijkt dat nog werkenden in Nederland verwachten gemiddeld 75% van hun huidige salaris of inkomen nodig te hebben om echt comfortabel te leven, terwijl gepensioneerden in werkelijkheid gemiddeld 69% ontvangen: een duidelijk bewijs dat het pensioengat echt bestaat. Het gat is echter een stuk kleiner dan elders in Europa. In België bijvoorbeeld verwachten nog niet gepensioneerden 75% van hun huidige inkomen nodig te hebben, terwijl gepensioneerden in werkelijkheid maar 54% hiervan ontvangen.

Van de verwachtingen van de nog niet gepensioneerde Nederlanders, zoals een tweede huis kopen (wens van 5%) of investeren in vastgoed om te verhuren (bij 7% van de ondervraagden), komt in werkelijkheid vrijwel niets terecht. Volgens het onderzoek geven Nederlanders wanneer ze uiteindelijk gepensioneerd zijn, daar hoegenaamd geen geld aan uit, vermoedelijk omdat er de andere kosten tegenvallen en er niets voor overblijft. 

Never mind the gap

Ondanks dit pensioengat blijken Nederlandse gepensioneerden relatief tevreden afgezet tegen Europa, want maar liefst 60% geeft aan dat ze voldoende inkomen hebben om comfortabel te leven. Dat is bijna twee keer zoveel als het aantal Belgen dat deze vraag positief beantwoordde, slechts 33%. Aan de positieve kant vallen de Denen op: met 64% zijn zij nog meer tevreden dan de Nederlanders met wat hun pensioeninkomsten.

Aan de andere kant van het spectrum geeft 7% van de Nederlanders aan dat ze niet genoeg hebben om comfortabel te leven, terwijl 34% zegt wel wat meer te kunnen gebruiken. In vergelijking daarmee is het aantal mensen dat niet tevreden is met hun inkomen in heel Europa gemiddeld twee keer zo hoog als in Nederland. België kent zelfs een extreem hoog aantal mensen dat zegt niet genoeg te hebben om comfortabel van te leven. Dit geldt voor maar liefst 30%, een percentage dat de Oost-Europese cijfers benadert. 

Nederlanders zien het aflossen van de hypotheek als grootste prioriteit (na het voorzien in hun eigen levensonderhoud met 33%) tijdens hun pensioen. Ongeveer 11% van het totale bedrag dat beschikbaar is (pensioen, spaargeld en ander liquide vermogen) zal naar verwachting van de nog niet gepensioneerden opgaan aan aflossen van de hypotheek. In de praktijk blijkt dit overigens maar 7% te zijn, als men daadwerkelijk gepensioneerd is. 

Hein Kuijpers, Head of Intermediary Netherlands, concludeert: 

“Het pensioengat, waarover zoveel te doen is, blijkt daadwerkelijk te bestaan, maar daarbij speelt een te optimistische inschatting een grote rol. Er bestaat een reëel risico dat mensen onderschatten hoeveel van hun pensioeninkomen ze nodig zullen hebben voor de kosten van levensonderhoud en hoeveel geld ze nodig hebben om na hun pensioen comfortabel te leven, zeker nu de rendementen op spaargeld en beleggingen zo laag zijn en de inflatie oploopt.

Er is geen toverformule. Om te voorkomen dat de toekomstige generaties na hun werkzame levens krap bij kas komen te zitten, zullen mensen het belang ervan moeten inzien om zo jong mogelijk te beginnen om geld apart te zetten.

Wie tot zijn vijftigste of zestigste wacht, is te laat om dit tekort aan te vullen. Het is aan te raden om een plan op te stellen en advies in te winnen van een adviseur.” 

Het volledige verslag van de Schroders Global Investor Study 2018, “Sparen voor een comfortabel pensioen”, kunt u vinden op www.schroders.nl/gis

[1]Dagelijkse uitgaven zoals voeding, kleding en huur/hypotheek.

[2]In opdracht van Schroders voerde Research Plus Ltd in april 2018 een onafhankelijk online onderzoek uit onder meer dan 20.000 mensen die beleggen uit 30 landen in alle delen van de wereld waaronder Australië, Brazilië, Canada, China, Duitsland, Frankrijk, India, Italië, Japan, Nederland, België, Spanje, het VK en de VS. “Mensen” wordt in dit onderzoek gedefinieerd als mensen die de komende 12 maanden minstens €10.000 (of het equivalent daarvan) willen beleggen en die de laatste 10 jaar veranderingen in hun beleggingen hebben aangebracht.

 

KoopkansKaart toont huizenkopers waar zij nog kans maken

0

HypotheekBerekenen.nl onderzocht alle gemeenten in Nederland en toont de beste gebieden om een huis te kopen.

Starters en andere huizenkopers hebben het lastig. Het aanbod op de woningmarkt lijkt opgedroogd en de gemiddelde huizenprijs ligt hoger dan ooit. Toch zijn er nog mogelijkheden, zo toont de KoopkansKaart van HypotheekBerekenen.nl aan. Het platform deed onderzoek naar de woningmarkt in alle gemeenten en ontwikkelde een tool die consumenten helpt de kans op een koophuis sterk te vergroten, zelfs in de buurt bij de grote steden.

“We merken dat veel huizenkopers vooral de algemene berichtgeving in de media in de gaten houden. Ze horen dat het aanbod snel afneemt en dat de prijzen de pan uit rijzen. Dat is inderdaad het algemene beeld, maar het zijn de verborgen pareltjes die de moeite waard zijn. Die willen we met de KoopKanskaart graag heel duidelijk in beeld brengen,” aldus dhr D. van Zelm, eigenaar van online platform HypotheekBerekenen.nl.

Het platform deed onderzoek naar de huizenprijzen, het woningaanbod, het aantal verkopen en de aanwezigheid van een Starterslening in alle Nederlandse gemeenten. Op basis daarvan is de KoopkansKaart ontwikkeld. Die toont gebruikers de Koopkans, variërend van Zeer Goed tot Zeer Slecht. Bovendien hebben gebruikers de mogelijkheid om de Koopkans per inkomensgroep op te vragen, voor een zo persoonlijk mogelijk overzicht.

Uit de resultaten blijkt dat consumenten de laagste Koopkans hebben in Bloemendaal, waar de gemiddelde huizenprijs maar liefst 775.770 bedraagt. Ook in Laren, Blaricum, Wassenaar en Heemstede is het moeilijk om een eigen huis te kopen. Andersom is de Koopkans in Delfzijl het grootst en bieden ook Oldamt, De Marne, Brunssum en Heerlen veel kansen voor huizenkopers.

De KoopkansKaart maakt tenslotte inzichtelijk hoe er zelfs rondom de grote steden kansen bestaan om een eigen huis te kopen. Rondom Amsterdam zijn er mogelijkheden in Purmerend, Almere en Lelystad. Bij Rotterdam kunnen kopers hun slag slaan in Schiedam, Vlaardingen of Maassluis en rondom Den Haag lukt dat in Rijswijk, Delft en Zoetermeer het best. Kopers bij Utrecht kunnen het best zoeken in Nieuwegein, IJsselstein en in Lopik. Consumenten kunnen de KoopkansKaart zelf raadplegen op de site van HypotheekBerekenen.nl (https://hypotheekberekenen.nl/koopkansen).

Over HypotheekBerekenen.nl
HypotheekBerekenen.nl is het online hypotheekplatform van de landelijke organisatie. Met een netwerk van ruim 1.800 ervaren adviseurs die bij klanten thuis langskomen en daardoor dure huisvestingskosten besparen. Het platform biedt consumenten belangrijke hypotheekinformatie en brengt hen in contact met een adviseur die bij hen langs kan komen. 

https://hypotheekberekenen.nl/
https://hypotheekberekenen.nl/koopkansen

Kans op nieuwe recessie in 2020

0

Euler Hermes is wereldmarktleider op het gebied van kredietverzekeringen en een van de leiders op het gebied van (bank)garanties en incasso. Met ruim 100 jaar ervaring en 6000 medewerkers in meer dan 50 landen biedt Euler Hermes een uitgebreide dienstverlening aan B-to-B klanten in zowel klein-, midden- en grootbedrijf als multinationals, die hun debiteuren willen verzekeren. De groep heeft in 2017 een omzet van €2.6 miljard geboekt.

Euler Hermes heeft een credit intelligence netwerk ontwikkeld om de financiële stabiliteit van meer dan 40 miljoen bedrijven te analyseren. De groep heeft in 2017 in totaal €894 miljard transacties beschermd.

Euler Hermes, dochtermaatschappij van Allianz, is genoteerd aan NYSE Euronext Parijs. Euler Hermes heeft een AA rating van Standard Poor’s en Aa3 van Moody’s.

Meer informatie: www.eulerhermes.nl of twitter @EulerHermesNL

————————————————————————————————

Cautionary note regarding forward-looking statements: The statements contained herein may include statements of future expectations and other forward-looking statements that are based on management’s current views and assumptions and involve known and unknown risks and uncertainties that could cause actual results, performance or events to differ materially from those expressed or implied in such statements. In addition to statements which are forward-looking by reason of context, the words “may”, “will”, “should”, “expects”, “plans”, “intends”, “anticipates”, “believes”, “estimates”, “predicts”, “potential”, or “continue” and similar expressions identify forward-looking statements. Actual results, performance or events may differ materially from those in such statements due to, without limitation, (i) general economic conditions, including in particular economic conditions in the Euler Hermes Group’s core business and core markets, (ii) performance of financial markets, including emerging markets, and including market volatility, liquidity and credit events (iii) the frequency and severity of insured loss events, including from natural catastrophes and including the development of loss expenses, (iv) persistency levels, (v) the extent of credit defaults, (vi) interest rate levels, (vii) currency exchange rates including the Euro/U.S. Dollar exchange rate, (viii) changing levels of competition, (ix) changes in laws and regulations, including monetary convergence and the European Monetary Union, (x) changes in the policies of central banks and/or foreign governments, (xi) the impact of acquisitions, including related integration issues, (xii) reorganization measures, and (xiii) general competitive factors, in each case on a local, regional, national and/or global basis. Many of these factors may be more likely to occur, or more pronounced, as a result of terrorist activities and their consequences. The company assumes no obligation to update any forward-looking statement.